Natrekking door onroerende zaken
Einde inhoudsopgave
Natrekking door onroerende zaken (O&R nr. 94) 2016/7.8:7.8 De invloed van verkrijging door verjaring op andere beperkte rechten dan het hypotheekrecht die rusten op de grond
Natrekking door onroerende zaken (O&R nr. 94) 2016/7.8
7.8 De invloed van verkrijging door verjaring op andere beperkte rechten dan het hypotheekrecht die rusten op de grond
Documentgegevens:
P.J. van der Plank, datum 01-05-2016
- Datum
01-05-2016
- Auteur
P.J. van der Plank
- JCDI
JCDI:ADS485515:1
- Vakgebied(en)
Vermogensrecht / Bijzondere onderwerpen
Goederenrecht / Eigendom, bezit en houderschap
Goederenrecht / Verkrijging en verlies
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In het voorgaande is steeds het hypotheekrecht als uitgangspunt genomen bij de vraag wat de invloed van verkrijging door verjaring is op een op het door verjaring verkregene gevestigd recht van hypotheek.
Het bovenstaande geldt echter ook indien het niet een recht van hypotheek betreft, maar een ander beperkt recht, zoals een recht van erfpacht, opstal, erfdienstbaarheid of een recht van vruchtgebruik. Voor de aanwas van een beperkt recht dat rust op de grond door verkrijging door verjaring, moet voldaan zijn aan de volgende vereisten:
Het moet (bloot) eigenaar A zijn, die het bezit had en die door verjaring de eigendom van een;
Aangrenzend;
Stuk grond verkrijgt
Waarvan zowel A als ‘zijn’ beperkt gerechtigde ervan uit zijn gegaan dat het door verjaring verkregene mede bezwaard was met het beperkte recht.
7.8.1 Bloot eigenaar A moet door verjaring de eigendom verkrijgen7.8.2 Het moet gaan om de verkrijging door verjaring van een grondstuk dat aangrenzend is7.8.3 Zowel A als ‘zijn’ beperkt gerechtigde ging ervan uit dat het door verjaring verkregene mede bezwaard was7.8.4 Hoe eerbiedig je als bezitter een beperkt recht?