Einde inhoudsopgave
De positie van aandeelhouders bij preventieve herstructureringen (VDHI nr. 163) 2020/2.7.3.2
2.7.3.2 Omvang Treuepflicht
mr. S.C.E.F. Moulen Janssen, datum 02-02-2020
- Datum
02-02-2020
- Auteur
mr. S.C.E.F. Moulen Janssen
- JCDI
JCDI:ADS197892:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Voetnoten
Voetnoten
Zie bijv. Hippeli 2016, p. 1258, Michalski/Lieder 2017, GmbHG § 13 Rn. 160 e.v. en MüKoGmbHG/Merkt 2018, GmbHG § 13 Rn. 110 e.v.
O.a. Dreher 1993, p. 1633-1634, Hoffmann-Becking (red.) 2015, §17 Rn. 5-6 en MüKoGmbHG/Merkt 2018, GmbHG § 13 Rn. 123-130.
Hoffmann-Becking (red.) 2015, §17 Rn. 5-6 en Hippeli 2016, p. 1258-1259.
MüKoGmbHG/Merkt 2018, GmbHG § 13 Rn. 123-130.
Michalski/Lieder 2017, GmbHG § 13 Rn. 166-173. Zie ook OLG Hamm 9 december 1991, 8 U 78/91.
Hoffmann-Becking (red.) 2015, §17 Rn. 5-6.
Hoffmann-Becking (red.) 2015, §17 Rn. 5-6, Spindler/Stilz/Cahn/v. Spannenberg 2019, AktG § 53a Rn. 52, Hippeli 2016, p. 1258 en Overkleeft 2017, par. 7.2.1.
Dreher 1993, p. 1634.
Dreher 1993, p. 1632 en Hippeli 2016, p. 1258.
O.a. Cahn 2017, p. 351-353, MüKoGmbHG/Merkt 2018, GmbHG § 13 Rn. 104 en Roth/Altmeppen 2019, GmbHG § 13 Rn. 37-40.
O.a. Hippeli 2016, p. 1259 en Cahn 2017, p. 354.
Dreher 1993, p. 1635 en BeckOK GmbHG/Schindler 2018, GmbHG § 47 Rn. 55-58.
Cahn 2017, p. 350.
MüKoGmbHG/Drescher 2016, GmbHG § 47 Rn. 260.
MüKoGmbHG/Drescher 2016, GmbHG § 47 Rn. 261.
De omvang van de Treuepflicht, in feite de werking van de Treuepflicht op het daadwerkelijk handelen van aandeelhouders, is niet voor iedere aandeelhouder hetzelfde. Verschillende categorieën waarin de Treuepflicht tot uiting komt, zijn in de literatuur ontwikkeld.1 Ik bespreek enkel de belangrijkste in het kader van de uitoefening van aandeelhoudersrechten, waaronder vooral de uitoefening van het stemrecht.
Allereerst is een tweedeling te maken tussen rechten die een aandeelhouder in zijn eigen belang mag uitoefenen (eigennützige rechten) en rechten die in het belang van de vennootschap zijn (uneigennützige of gesellschaftsbezogene rechten).2Eigennützige rechten zijn alle vermogensrechten, zoals het recht op dividend, maar ook het recht een vergadering bij te wonen en daar het woord te voeren, het recht een besluit aan te vechten, het recht op informatie en het recht vernietiging van besluiten te vorderen.3Uneigennützige rechten zijn zeggenschapsrechten die zien op bestuursaangelegenheden4 en de invloed daarop, zoals de benoeming en het ontslag van bestuurders, maar ook de vaststelling van de jaarrekening.5 Dit zijn de bevoegdheden die aan de algemene vergadering als orgaan toekomen.6 Het stemrecht van een aandeelhouder is in beginsel een uneigennützig recht, maar het hangt af van de aangelegenheid waarover wordt gestemd, bijvoorbeeld een besluit over een dividenduitkering, of het niet toch een eigennützig recht is.7 Bij uneigennützige rechten prevaleert het belang van de vennootschap bij een botsing van belangen. Een aandeelhouder mag bij de uitoefening van eigennützige rechten in beginsel zijn eigen belang nastreven. Dit neemt niet weg dat hij op grond van de Treuepflicht rekening moet houden met de belangen van medeaandeelhouders en de vennootschap.8
Een andere belangrijke categorie is de interne structuur van de vennootschap.9 Bij een meer persoonsgerichte GmbH, zoals een joint venture, speelt de Treuepflicht eerder een rol, althans komt zij eerder tot uitdrukking. In het algemeen geldt wat betreft de omvang van de vennootschap: hoe minder aandeelhouders, hoe intensiever de Treuepflicht. Voorts hangt de omvang van de Treuepflicht, evenals in Nederland, af van de mate van invloed die een aandeelhouder kan uitoefenen binnen de vennootschap.10 Met name een meerderheidsaandeelhouder zal invloed kunnen uitoefenen, maar dit geldt ook voor een minderheidsaandeelhouder die alleen of tezamen (bijvoorbeeld op basis van een aandeelhoudersafspraak) met andere minderheidsaandeelhouders de besluitvorming kan blokkeren.11
De Treuepflicht kan ertoe leiden dat een aandeelhouder op een bepaalde manier zijn stem moet uitoefenen. Dit kan zijn dat hij zich moet onthouden van stemmen of juist voor dan wel tegen een besluit moet stemmen.12 Enkel in uitzonderingssituaties is een aandeelhouder verplicht te stemmen, bijvoorbeeld wanneer het quorum voor een bepaald besluit anders niet kan worden gehaald.13
Stemt een aandeelhouder in strijd met de Treuepflicht dan mag zijn uitgebrachte stem niet worden meegeteld met het aantal uitgebrachte stemmen.14 Het zal echter niet altijd eenvoudig zijn voor de voorzitter om te bepalen wanneer een uitgebrachte stem in strijd is met de Treuepflicht. Het besluit is vernietigbaar wanneer sommige stemmen in strijd zijn met de Treuepflicht. Zijn de stemmeerderheden gehaald na aftrek van de in strijd met de Treuepflicht uitgebrachte stemmen, dan blijft het besluit geldig. Tot slot kan een aandeelhouder ook verplicht zijn een vergoeding voor de schade jegens de vennootschap te betalen.15