Fiscaal overgangsbeleid
Einde inhoudsopgave
Fiscaal overgangsbeleid (FM nr. 131) 2009/3.5:3.5 Afbouwregelingen
Fiscaal overgangsbeleid (FM nr. 131) 2009/3.5
3.5 Afbouwregelingen
Documentgegevens:
dr. M. Schuver-Bravenboer, datum 01-02-2009
- Datum
01-02-2009
- Auteur
dr. M. Schuver-Bravenboer
- JCDI
JCDI:ADS417433:1
- Vakgebied(en)
Fiscaal bestuursrecht (V)
Fiscaal bestuursrecht / Algemeen
Fiscaal bestuursrecht / Algemene rechtsbeginselen en abbb
Belastingrecht algemeen / Algemeen
Staatsrecht / Wetgeving
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Deze aanpassingen zijn opgenomen in art. II onderdeel J en art. III onderdeel D Belastingplan 2008, Stb. 2007, 562, en treden per 1 januari 2008 met uitgestelde werking tot respectievelijk 1 januari 2009 en 1 januari 2010 in werking. Voor een aantal belastingplichtigen is in afwijking van de afbouwregeling voorzien in eerbiedigende werking.
O.a. NRC Handelsblad 11 mei 2006, Aardema 2005.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Een afbouwregeling is een overgangsmaatregel die bewerkstelligt dat een nieuwe regel voor nader aangeduide gevallen stapsgewijs van toepassing wordt. Zij doet dit door de toepassing van de oude regel langzaam af te bouwen. De afbouwregeling vormt derhalve een materiële regel die qua inhoud aansluit bij de systematiek van de oude regel.
Afbouwregelingen worden zelden getroffen. Een goed voorbeeld van een afbouwregeling vormt de geleidelijke afschaffing van de mogelijkheid om de algemene heffingskorting uit te betalen als bedoeld in art. 8.9 Wet IB 2001. In het coalitieakkoord van het kabinet Balkenende IV was afgesproken dat de uit-betalingsmogelijkheid in twintig jaar zou worden afgeschaft. Teneinde financiele ruimte voor het voortbestaan van de AOW te creëren, is deze termijn uiteindelijk beperkt tot vijftien jaar.1
In de maatschappelijke discussie over de afschaffing van de hypotheekrente-aftrek is van verschillende kanten voorgesteld de huidige regeling af te bouwen gedurende een periode die varieert van vijftien tot dertig jaar.2 Een afbouw-regeling zal dan inhouden dat aftrekbaarheid van rente over de eigenwoning-schuld in box 1 stapsgewijs wordt beperkt.
In het kader van dit onderzoek definieer ik een afbouwregeling als volgt:
Een afbouwregeling is een overgangsmaatregel die voor specifieke gevallen het oude regime – of een daarvan afgeleide regel – van toepassing verklaart, in die zin dat in een vastgestelde periode de voor- of nadelen van de oude regel stapsgewijs worden afgebouwd.
Schematisch ziet dit er op het niveau van de wetswijziging als volgt uit:
Een afbouwregeling kan in aanvulling op alle werkingsregels worden getroffen. Wat betreft de gevolgen van werkingsregels kan zij in alle situaties verlichting bieden. Afhankelijk van de omstandigheden van het geval zullen materieel en maatschappelijk terugwerkende kracht in beginsel evenwel niet kunnen worden voorkomen. In geval van een begunstigende wetswijziging ligt het treffen van een afbouwregeling als belastende overgangsmaatregel niet voor de hand. Hier kom ik in hfdst. 10 op terug.