De positie van aandeelhouders bij preventieve herstructureringen
Einde inhoudsopgave
De positie van aandeelhouders bij preventieve herstructureringen (VDHI nr. 163) 2020/5.4.6.4:5.4.6.4 De vennootschap en het Obstruktionsverbot
De positie van aandeelhouders bij preventieve herstructureringen (VDHI nr. 163) 2020/5.4.6.4
5.4.6.4 De vennootschap en het Obstruktionsverbot
Documentgegevens:
mr. S.C.E.F. Moulen Janssen, datum 02-02-2020
- Datum
02-02-2020
- Auteur
mr. S.C.E.F. Moulen Janssen
- JCDI
JCDI:ADS197897:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Wanneer in plaats van het bestuur, de Sachwalter een Insolvenzplan aanbiedt, moet de vennootschap zelf, vertegenwoordigd door het bestuur, ook instemmen met het akkoord.1 De vennootschap is onderworpen aan een gelijksoortig Obstruktionsverbot als de aandeelhouders en de schuldeisers uit een tegenstemmende klasse. De rechter kan voorbijgaan aan een negatief besluit van het bestuur wanneer de vennootschap (lees: de aandeelhouders) naar verwachting niet slechter af is onder het akkoord dan zonder het akkoord én geen enkele schuldeiser meer ontvangt dan de hoogte van zijn vordering.2 Het Obstruktionsverbot voor de vennootschap zorgt ervoor dat aandeelhouders geen druk kunnen uitoefenen op het bestuur zodat een door de Sachwalter aangeboden akkoord geen doorgang kan vinden. Dit is niet in overeenstemming met de Richtlijn die vereist dat een akkoord dat niet is aangenomen door alle stemklassen enkel kan worden gehomologeerd op voorstel van de vennootschap of met instemming van de vennootschap.3 Het vereiste van instemming mag volgens de Richtlijn wel worden beperkt tot micro-, kleine en middelgrote ondernemingen.