Accijnzen
Einde inhoudsopgave
Accijnzen (FM nr. 126) 2008/4.6.9:4.6.9 Aantonen
Accijnzen (FM nr. 126) 2008/4.6.9
4.6.9 Aantonen
Documentgegevens:
Mr. dr. W.M.G. Visser, datum 27-03-2008
- Datum
27-03-2008
- Auteur
Mr. dr. W.M.G. Visser
- JCDI
JCDI:ADS304051:1
- Vakgebied(en)
Europees belastingrecht / Belastingen EU
Accijns en verbruiksbelastingen / Accijns
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Van Dale, p. 24 lk.
Van Dale, p. 15 rk.
Kamerstukken II 1954/55, 4080, nr. 3, p. 17-18. HR 27 januari 1971, nr. 16.456, BNB 1971/55, V-N 1971/169.
HR 27 januari 1971, nr. 16 456, BNB 1971/55.
HR 20 februari 2004, nr. 39.136, BNB 2004/169. HR 26 mei 1999, nr. 34.230, BNB 1999/272. Dit doet zich in de wetsgeschiedenis van de Wa niet voor.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Het begrip ‘aantonen‘ vereist dat doorslaggevende argumenten worden aangevoerd.
Aantonen is bewijsgronden doen zien.1 Dat gaat verder dan aannemelijk maken. Het begrip ‘aannemelijk maken’ houdt in het leveren van een betoog dat geloofwaardig is; informatie geven die men gaarne aanneemt.2 Deze begrippen worden ook in de AWR gehanteerd. Voor de toepassing van de AWR betekent het begrip ‘blijken’ het leveren van volledig en overtuigend bewijs, met toepassing van de vrije bewijsleer, wanneer zekere feiten volledig bewezen moeten worden, dat wil zeggen overtuigend moeten worden aangetoond. Van ‘aannemelijk zijn’ of ‘aannemelijk maken’ wordt gesproken wanneer met een zwakkere vorm van bewijs kan worden volstaan.3 Uit de geschiedenis van de totstandkoming van de AWR moet worden afgeleid dat dit het geval is indien in een belastingwet het begrip ‘doen blijken’ wordt gebruikt, in welk geval zekere feiten volledig moeten worden bewezen, dat wil zeggen overtuigend moeten worden aangetoond.4 Het begrip ‘aantonen’ heeft geen andere betekenis dan ‘aannemelijk maken’, tenzij in een specifiek geval uit de wetsgeschiedenis anders zou blijken.5