Einde inhoudsopgave
Re-integratie zieke werknemer (MSR nr. 66) 2014/6.10.3
6.10.3 Einde aan de re-integratie
mr.dr. G.A. Diebels, datum 24-09-2014
- Datum
24-09-2014
- Auteur
mr.dr. G.A. Diebels
- JCDI
JCDI:ADS574503:1
- Vakgebied(en)
Arbeidsrecht / Europees arbeidsrecht
Rechtswetenschap / Algemeen
Sociale zekerheid arbeidsongeschiktheid / Re-integratie
Arbeidsrecht / Arbeidsovereenkomstenrecht
Voetnoten
Voetnoten
Vas Nunes/Funke, nr.48.
Een voorbeeld in Ktr. Amsterdam 21 januari 2014, ECLI:NL:RBAMS:2014:780.
CRvB 13 januari 2013, USZ 2013/65 m.nt. A. Wit.
Aanwijzing daarvoor is CRvB 19 april 2013 USZ 2013/189, waarin werd vastgesteld dat de werkgever geen belang meer had bij beroep (in een WIA-zaak) aangezien de werknemer werkzaamwas geworden in nieuwe bedongen arbeid. De CRvB noemt dat met zoveel woorden ‘een succesvolle re-integratie’.
Zie § 6.7.9.
Uit de wetsgeschiedenis volgt dat dat in elk geval in de eerste twee jaar van arbeidsongeschiktheid zo is. Ktr. Heerenveen bevestigt dat aanvaarding van passende arbeid elders geen wijziging van de rechtspositie oplevert, 23 juni 2009, LJN BI9894.
Vas Nunes en Funke constateren terecht dat maar weinig aandacht is geschonken aan het einde van een re-integratietraject.1 De wettelijke re-integratieplicht is niet in duur beperkt. Ook al bestaat geen loondoorbetaling meer, bijvoorbeeld na twee jaar arbeidsongeschiktheid, dan nog blijft de plicht bestaan om de werknemer te re-integreren. Dat volgde uit artikel 8 lid 3 Wet REA (oud) dat (uitdrukkelijk) bepaalde dat de werkgever verantwoordelijk is voor de re-integratie zolang de arbeidsovereenkomst duurt. Uit de toelichting op de Invoeringswet WIA is op te maken dat de regering meent dat de re-integratieverplichting uit artikel 7:658a BW ook geldt zolang de arbeidsovereenkomst duurt.2 De re-integratie eindigt dus niet door tijdsverloop.
Dat einde kan concreet aan de orde komen in twee verschillende situaties, namelijk als géén of als wel benutbare mogelijkheden bestaan. In de eerste situatie is de werknemer té arbeidsongeschikt zodat re-integratie-activiteiten verder niet meer worden verwacht. In de regel is dit moment te markeren door het toekennen aan de werknemer van een IVA-uitkering. Als de werknemer een vervroegde IVA-uitkering aanvraagt kan dat vrij snel zijn, te weten na 13 weken arbeidsongeschiktheid. Wil de werknemer dat niet, dan is het re-integratietraject geëindigd doordat werkgever en werknemer er niets meer aan doen. Normaal gesproken wordt het ontbreken van benutbare mogelijkheden gebaseerd op een beoordeling van de bedrijfsarts. Partijen zullen er op basis daarvan vanuit gaan dat niets meer nodig is qua re-integratie, maar het UWV kan bij einde wachttijd oordelen dat het re-integratietraject niet als geëindigd had mogen worden beschouwd. Het eindigen van de re-integratie is in zo’n geval afhankelijk van een oordeel achteraf.
Als de zieke werknemer wel benutbare mogelijkheden heeft wordt de vraag:wanneer is hij gere-integreerd? Als eerste is te denken aan arbeidsongeschiktheid die voorbij gaat.Bij tijdelijke arbeidsongeschiktheid voor de bedongen arbeid is sprake van afronding van de re-integratie als de werknemer is hervat in de oude functie voor de oude arbeidsduur. De CRvB lijkt nog als element aan te houden of er een stabiele medische toestand is.3 Als tweede kan bij het sluiten van een nieuwe arbeidsovereenkomst voor andere arbeid eveneens worden aangenomen dat de re-integratie is beëindigd.4 In het derde geval kan er sprake zijn van einde aan de re-integratie bij een bevredigend resultaat zodat het UWV geen verdere inspanningen verwacht. Dit moment is aan te wijzen als het UWV de WIA-aanvraag in behandeling gaat nemen.
De poortwachtertoets op het al dan niet voldoende hebben verricht van re-integratie- activiteiten is dan positief uitgevallen voor de werkgever. Of dat civielrechtelijk overigens betekent dat de re-integratie is afgerond, staat niet vast.
Diffuus is de situatie als geen nieuwe arbeidsovereenkomst wordt overeengekomen, terwijl de werknemer blijvend arbeidsongeschikt is voor de bedongen arbeid en (langdurig) probleemloos andere passende arbeid verricht.5 Daarmee kan de re-integratie formeel nog niet beëindigd zijn, maar feitelijk wel. Artikel 7:629 lid 12 BW bepaalt zonder restricties dat de arbeidsovereenkomst in dat geval onverkort in stand blijft.6 Stel dat een werknemer vanwege te grote beperkingen niet is gere-integreerd maar de arbeidsovereenkomst ook niet is beëindigd. Als zijn arbeidsgeschiktheid weer toeneemt dan kan re-integratie weer actueel worden. Hetzelfde geldt voor bijvoorbeeld een organisatiewijziging waardoor er misschien ineens wél passende mogelijkheden intern zijn ontstaan. De re-integratie moetweer ter handworden genomen zodat voor eenwerkgever pas een zeker einde aan de re-integratie komt met het einde van de arbeidsovereenkomst.