De meerwaarde van meervoud
Einde inhoudsopgave
De meerwaarde van meervoud (SteR nr. 48) 2019/4.3.4:4.3.4 Voorzieningenrechter
De meerwaarde van meervoud (SteR nr. 48) 2019/4.3.4
4.3.4 Voorzieningenrechter
Documentgegevens:
mr. drs. R. Baas, datum 24-12-2019
- Datum
24-12-2019
- Auteur
mr. drs. R. Baas
- JCDI
JCDI:ADS174116:1
- Vakgebied(en)
Staatsrecht / Rechtspraak
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Navraag bij een oud-president van een gerechtshof leerde dat enige behoefte om te onderzoeken of de wet de mogelijkheid tot meervoudige behandeling bood, nooit is gevoeld. Het enkelvoudig afdoen van korte gedingen in hoger beroep ‘zou als vloeken in de kerk zijn ervaren’, omdat collegiale behandeling als de beste garantie voor de kwaliteit van een uitspraak werd beschouwd.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De voorzieningenrechter berecht spoedeisende zaken in eerste aanleg en in hoger beroep (art. 50 respectievelijk 63 Wet RO). In civiele zaken, inclusief kantonzaken, kan de voorzieningenrechter in een kort geding een onmiddellijke voorziening bij voorraad geven (art. 254 Rv). In bestuurszaken spreekt men van een voorlopige voorziening (art. 8:81 Awb). Ter terechtzitting is van oudsher de aanspreektitel voor de voorzieningenrechter in civiele zaken ‘president in kort geding’ (art. 50, derde lid, Wet RO). Gelet op artikel 63 Wet RO worden in hoger beroep spoedeisende zaken in enkelvoudige kamer behandeld. In de praktijk behandelen gerechtshoven korte gedingen echter in meervoudige kamer, zoals ook blijkt uit de op rechtspraak.nl gepubliceerde korte gedingen in hoger beroep.1