De meerwaarde van meervoud
Einde inhoudsopgave
De meerwaarde van meervoud (SteR nr. 48) 2019/4:4 Wetgeving
De meerwaarde van meervoud (SteR nr. 48) 2019/4
4 Wetgeving
Documentgegevens:
mr. drs. R. Baas, datum 24-12-2019
- Datum
24-12-2019
- Auteur
mr. drs. R. Baas
- JCDI
JCDI:ADS174136:1
- Vakgebied(en)
Staatsrecht / Rechtspraak
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In dit hoofdstuk wordt uitgelegd hoe meervoudige en enkelvoudige rechtspraak wettelijk is geregeld en georganiseerd. Daarmee wordt onderzoeksvraag 3 beantwoord (zie paragraaf 1.4).
Het is hoofdzakelijk de Wet op de rechterlijke organisatie die bepaalt welke gerechten en ambtsdragers bevoegd zijn om in meervoudige en enkelvoudige kamer recht te spreken. Paragraaf 4.1 wijst de weg door het doolhof van wetsbepalingen op dit terrein. De paragrafen 4.2 en 4.3 bevatten de belangrijkste wetgeving over de meervoudige respectievelijk enkelvoudige kamer. Paragraaf 4.4 gaat over de regels van de achtereenvolgende fasen van het rechtsgeding: de behandeling, de besluitvorming en de uitspraak. In paragraaf 4.5 wordt uiteengezet hoe de verdeling van rechtsmacht in de wet geregeld is, met name wat betreft de rechterlijke competentie en de toedeling van zaken aan een of meer rechters. De vraag wat de wet voorschrijft in geval van gebreken in de samenstelling van een kamer, wordt beantwoord in paragraaf 4.6. Tot besluit volgen conclusies in paragraaf 4.7.
4.1 Bevoegdheid tot meervoudige en enkelvoudige rechtspraak4.2 De meervoudige kamer4.3 De enkelvoudige kamer4.4 Het rechtsgeding4.5 Verdeling van rechtsmacht4.6 Gebreken in de samenstelling van een kamer4.7 Wettelijke waarborgen voor de onafhankelijke zaakstoedeling aan meervoudige en enkelvoudige kamers4.8 Conclusie