Einde inhoudsopgave
RvdW 2025/1012
Medeplegen schuldwitwassen door op bankrekening van verdachte geldbedragen te laten storten die afkomstig zijn van vlak daarvoor door haar medeverdachte gepleegde phishing fraude, art. 420quater lid 1 sub b Sr. Bewijsklachten. Heeft hof voor zijn bewijsconstructie gebruik gemaakt van aannames die niet uit bewijsvoering kunnen worden afgeleid? HR: art. 81 lid 1 RO.
HR 09-09-2025, ECLI:NL:HR:2025:1208
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
9 september 2025
- Magistraten
Mrs. V. van den Brink, M. Kuijer, C.N. Dalebout
- Zaaknummer
23/01447
- Conclusie
A-G mr. D.J.M.W. Paridaens
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Materieel strafrecht / Delicten Wetboek van Strafrecht
Materieel strafrecht / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2025:1208, Uitspraak, Hoge Raad, 09‑09‑2025
ECLI:NL:PHR:2025:598, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 27‑05‑2025
Essentie
Medeplegen schuldwitwassen door op bankrekening van verdachte geldbedragen te laten storten die afkomstig zijn van vlak daarvoor door haar medeverdachte gepleegde phishing fraude, art. 420quater lid 1 sub b Sr. Bewijsklachten. Heeft hof voor zijn bewijsconstructie gebruik gemaakt van aannames die niet uit bewijsvoering kunnen worden afgeleid? HR: art. 81 lid 1 RO.
Partij(en)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer 23/01447
Datum 9 september 2025
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 4 april 2023, nummer 21-001074-22, in de strafzaak
tegen
[verdachte] ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.