Einde inhoudsopgave
RvdW 2025/1023
Justitiële samenwerking in strafzaken. Europees aanhoudingsbevel. Gronden tot facultatieve weigering van de tenuitvoerlegging. Voorwaarde dat de feiten naar het strafrecht van de uitvoerende lidstaat onder zijn rechtsmacht vallen. Niet-definitieve veroordeling. Met het oog op strafvervolging uitgevaardigd Europees aanhoudingsbevel.
HvJ EU 10-04-2025, ECLI:EU:C:2025:259 (Sangas)
- Instantie
Hof van Justitie van de Europese Unie
- Datum
10 april 2025
- Magistraten
M.L. Arastey Sahún, D. Gratsias, E. Regan, J. Passer, B. Smulders
- Zaaknummer
C-481/23
- Roepnaam
Sangas
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Internationaal strafrecht / Justitiële en politionele samenwerking
- Brondocumenten
ECLI:EU:C:2025:259, Uitspraak, Hof van Justitie van de Europese Unie, 10‑04‑2025
- Wetingang
Art. 4 punt 4 en punt 6 Kaderbesluit 2002/584/JBZ
Essentie
JMTB.
Verzoek om een prejudiciële beslissing krachtens ingediend door de Audiencia Nacional (nationale centrale rechterlijke instantie, Spanje) bij beslissing van 24 juli 2023.
Justitiële samenwerking in strafzaken. Europees aanhoudingsbevel. Gronden tot facultatieve weigering van de tenuitvoerlegging. Voorwaarde dat de feiten naar het strafrecht van de uitvoerende lidstaat onder zijn rechtsmacht vallen. Niet-definitieve veroordeling. Met het oog op strafvervolging uitgevaardigd Europees aanhoudingsbevel.
1) Artikel 4 punt 6 van Kaderbesluit 2002/584/JBZ van de Raad van 13 juni 2002 betreffende het Europees aanhoudingsbevel en de procedures van overlevering tussen de lidstaten, zoals gewijzigd bij Kaderbesluit 2009/299/JBZ van de Raad van ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.