Einde inhoudsopgave
De meerwaarde van meervoud (SteR nr. 48) 2019/7.6
7.6 Het vonnis
mr. drs. R. Baas, datum 24-12-2019
- Datum
24-12-2019
- Auteur
mr. drs. R. Baas
- JCDI
JCDI:ADS174126:1
- Vakgebied(en)
Staatsrecht / Rechtspraak
Voetnoten
Voetnoten
Barendrecht & Van Beukering-Rosmuller 2000, p. 205-206.
Met uitzondering van de zaak waarin geen vonnis is gewezen, maar een vaststellingsovereenkomst is opgesteld en door partijen is ondertekend.
Den Tonkelaar 2015, p. 601. Hij zet uitvoerig uiteen hoe concipiëren in zijn werk gaat.
Een rechter vertelde desgevraagd dat de conceptuitspraak in beginsel eerst naar de jongste rechter gaat, dan naar de oudste rechter en ten slotte naar de voorzitter. Het komt ook voor dat het concept tegelijkertijd naar alle rechters gaat, zeker als er tijd moet worden gewonnen.
De verschillende conceptversies van de vonnissen zijn niet onderzocht. Wel is in één zaak het conceptvonnis inclusief de door de raadkamerdeelnemers aangebrachte wijzigingen ingezien.
Pas zodra alle leden van de meervoudige kamer dan wel enkelvoudige kamer de tekst van het vonnis hebben vastgesteld, is het vonnis gewezen, zo oordeelde de Hoge Raad (HR 18 november 2016, ECLI:NL:HR:2016:2614, r.o. 3.3.3 (Meavita)) conform de conclusie van AG Timmermans (ECLI:NL:PHR:2016:856, r.o. 3.11-13, 26).
Hofhuis 2008, p. 474.
De wet bevat formele vereisten waaraan een vonnis moet voldoen (zie artikel 230 Rv e.v.). Zo dragen vonnissen de namen van de rechters door wie het vonnis is gewezen. De naamsvolgorde van de rechters suggereert dat de eerstgenoemde rechter tijdens de zitting voorzitter was. Dat was in één bestudeerde zaak anders: de rechter die de zitting voorzat stond als derde vermeld. Onder geen van de vonnissen prijkte de naam van de griffier, ook niet wanneer deze degene was die het vonnis concipieerde. De manier waarop het vonnis aansluit bij eerdere fasen van de procedure is niet bij wet geregeld. Alleen het motiveringsvereiste waarborgt in zekere mate dat het vonnis samenhang vertoont. Voor het overige is vooral het materiële recht bepalend voor de inhoud van de uitspraak.1
Uit de voorgaande paragrafen bleek dat de beslissing in de zaak steeds tijdens het raadkameren na de zitting viel. De beslissing werd daarin ook van enige motivering voorzien, maar daarmee was de zaak niet ten einde: voor de concipiënt resteerde nog het nodige werk om de motivering sluitend te maken.2 Het belang van een degelijke motivering is evident, ten eerste omdat rechters met de motivering rekenschap geven van wat zij doen, zowel aan henzelf als aan anderen; ten tweede omdat zij er aan partijen mee uitleggen waarom de beslissing zo is uitgevallen en ten derde omdat zij er de zaak een plaats mee in de rechtsontwikkeling geven.3 Na gedane arbeid stuurde de concipiënt het concept per mail naar de andere deelnemers van de raadkamer.4 Zij leverden via e-mail commentaar op het conceptvonnis. Dit gebeurde door middel van ‘wijzigingen bijhouden’ in het document van het concept, zodat zichtbaar was wie welke aanpassingen voorstelde. De rechters bewerkten het net zolang tot alle leden van de kamer zich er akkoord mee verklaarden.5
Met deze vorm van raadkameren transformeerde het concept dus tot een vonnis.6 In de vonnissen in de geobserveerde zaken kan de invloed van individuele raadkamerdeelnemers her en der worden herkend, maar bij gebrek aan sterke verdeeldheid hoefde de concipiënt zich niet in bochten te wringen om een compromis te smeden waarin alle leden van de meervoudige kamer zich konden vinden. Voor een buitenstaander is dit niet kenbaar. Door het geheim van de raadkamer is uit een uitspraak van de meervoudige kamer niet op te maken hoe het tot stand is gekomen, bijvoorbeeld door open en vrij overleg of op basis van een concept van een van de deelnemers aan de raadkamer waarmee de anderen hebben ingestemd, al dan niet ‘klakkeloos, “togavullend”’, zoals Hofhuis schrijft.7