Einde inhoudsopgave
Burgerschap op orde (SteR nr. 66) 2024/9.7.1.4.1
9.7.1.4.1 Dewey: democratiseren van persoon en samenleving
Th.E.M. Wijte, datum 08-01-2024
- Datum
08-01-2024
- Auteur
Th.E.M. Wijte
- JCDI
JCDI:ADS977292:1
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen (V)
Staatsrecht (V)
Voetnoten
Voetnoten
Logister 2004, p. 54, Knoers 1970, p. 9-10 (Dewey: ‘Deze grootmeester der Amerikaanse onderwijskunde’).
Dewey 1943, p. 32 e.v.
Logister 2004, p. 242-243.
Dewey 1916, p. 86 en 1933, p. 105; Logister 2004, p. 283.
Dewey 1916 en 1999; De Boer 1929, Toebes 1981, p. 2-31, C. Klaassen 1996, p. 65-69 en A. Burgers, ‘John Dewey (1859-1952)’, Didactief 2013, 4, p. 23.
Vgl. A. Gutmann, Democratic Education, Princeton: Princeton UP 1987.
Logister 2004, p. 84, 86; Nussbaum 2011, p. 117-118.
Vgl. S. van Bijsterveld, ‘Sociaal krediet of sociaal kapitaal?’, Blog Tocqueville, religie en democratie, 15 november 2021.
In de Verenigde Staten voert de pragmatische reformpedagoog Dewey (1859-1952) het ervaringsonderwijs (learning by doing) in als een werkwijze in zijn psychologische laboratoria die voor toepassing op alle scholen is aanbevolen.1 Formele kennis en praktische levensvraagstukken worden vervlochten. Zijn pedagogiek richt zich op het democratiseren van de samenleving, waarin ieder kind zijn plaats moet vinden.2 Hiervoor is het leren samenwerken bij zinvolle activiteiten van belang. Voor hem draait burgerschap om participatie in een democratie van een verbonden samenleving.3 De school is een bron van vorming en een laboratorium voor democratisch leven.4 Dewey ziet ‘voor het ontwikkelen van houdingen als gemeenschapszin […] leraren en leerlingen de problemen […] tot oplossing brengen’.5 Burgerschap vormt in zijn filosofie een morele categorie ‘die het leven doordesemt en de basis vormt van een […] levensfilosofie’.6 Voor het realiseren van het vormingsideaal van verbindend democratisch burger grijp ik terug op Deweys primaire doel - het oefenen van verbindend participatief burgerschap7 - en op Putnams noties van bonding (groepsingroei), bridging (groepsvorming) en linking social capital (netwerk en smeeroliefunctie). Hierbij is de school oefenplaats voor en van democratie en burgerschap.8