De meerwaarde van meervoud
Einde inhoudsopgave
De meerwaarde van meervoud (SteR nr. 48) 2019/9.2.2:9.2.2 Motieven van partijen om al dan niet in hoger beroep te gaan
De meerwaarde van meervoud (SteR nr. 48) 2019/9.2.2
9.2.2 Motieven van partijen om al dan niet in hoger beroep te gaan
Documentgegevens:
mr. drs. R. Baas, datum 24-12-2019
- Datum
24-12-2019
- Auteur
mr. drs. R. Baas
- JCDI
JCDI:ADS174105:1
- Vakgebied(en)
Staatsrecht / Rechtspraak
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Marseille e.a. 2016, p. 51-59, 87-97.
De intentie om in beroep te gaan kan dan nog dezelfde zijn, namelijk een gunstiger uitspraak krijgen.
Alleen de verschillen met een asterisk zijn significant (p = 0.05).
Overigens komt het voor dat strafzaken in eerste aanleg met een verkort vonnis, dat een summiere motivering bevat, worden afgedaan. Als de zaak in hoger beroep gaat, schrijft de rechtbank een uitvoeriger gemotiveerd vonnis (De Groot-van Leeuwen, Laemers & Sportel 2015, p. 35, 36, 46, 48).
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Marseille e.a. hebben onderzocht om welke redenen partijen in civiele, straf- en bestuurszaken al dan niet in hoger beroep gaan.1 De kans op een gunstiger uitspraak blijkt in alle rechtsgebieden de meest genoemde reden om te appelleren, maar nog het meest bij straf. Daar was dat in vier van de vijf zaken reden voor hoger beroep – hoger dan bij civiel (drie van de vijf) en bestuur (een van de twee). Bij civiel zijn meer dan bij de andere rechtsgebieden de gepercipieerde kwaliteit van de rechter en diens vonnis als belangrijke redenen voor hoger beroep genoemd.2 Dat is bij bestuur en vooral bij straf veel minder het geval.
Voor dit onderzoek is relevant of er verschil is in motieven voor appel na behandeling in meervoudige en enkelvoudige kamer. Ook daarover hebben Marseille e.a. gepubliceerd, maar alleen voor wat betreft strafzaken. Zie de tabellen 9.7-9.8.
Tabel 9.7 Motieven van partijen in strafzaken om in hoger beroep te gaan, ver-deeld over meervoudige en enkelvoudige strafzaken (meerdere motieven mogelijk; tussen haakjes het aantal zaken)
motief
enkelvoudig (58)
meervoudig (29)
totaal (87)
Een gunstiger uitspraak
81.0
72.4
78.2
De gevolgen van de uitspraak zijn groot
24.1*3
48.3*
32.2
Een andere, betere rechter
15.5*
41.4*
24.4
Een begrijpelijker/beter gemotiveerde uitspraak
15.5
34.5
21.8
Betere of nieuwe argumenten
15.5
17.2
16.1
De uitspraak wordt nog niet uitgevoerd
12.1
6.9
10.3
De redelijke termijn wordt overschreden
5.2
3.4
4.6
Al veel geïnvesteerd
0
6.9
2.3
Zoals te verwachten zijn de gevolgen van het vonnis van de meervoudige strafkamer vaker een reden om in hoger beroep te gaan dan die van het vonnis van de alleensprekende rechter (48 tegen 24 procent). Opvallend is dat partijen in 41 procent van de meervoudige zaken in hoger beroep andere en betere rechters verwachten. In enkelvoudige zaken is dat nog geen 16 procent. Hetzelfde gaat op voor de verwachting bij het hof een begrijpelijker dan wel beter gemotiveerde uitspraak te krijgen: in bijna 35 procent van de meervoudige strafzaken is dit als reden opgevoerd tegen bijna 16 procent in enkelvoudige strafzaken. De verwachting in appel betere of nieuwe argumenten te horen is in meervoudige en enkelvoudige zaken even vaak een motief om naar het hof te stappen (17 respectievelijk 16 procent).4
Ook is onderzocht welke motieven rechtzoekenden in meervoudige en enkelvoudige strafzaken hebben om geen hoger beroep in te stellen; zie tabel 9.8.
Tabel 9.8 Motieven van partijen in strafzaken om niet in hoger beroep te gaan, verdeeld over meervoudige en enkelvoudige strafzaken (meerdere motieven mogelijk; tussen haakjes het aantal zaken)
motief
enkelvoudig (38)
meervoudig (19)
totaal (57)
Een minder gunstige uitspraak in hoger beroep
55.3
33.3
54.4
De stress die een hoger beroep voor mij zou betekenen
23.7
18.1
22.8
De duur van de procedure in hoger beroep
13.2
20.8
14.0
De gevolgen van de uitspraak blijven beperkt
7.9
18.1
14.0
De kosten van hoger beroep
0
9.7
1.8
De verschillen blijken geen van alle significant. De meest genoemde reden, bij meervoudige en enkelvoudige rechtspraak, is de verwachting bij het hof een minder gunstige uitspraak te krijgen. Dat de gevolgen van het vonnis beperkt blijven, wordt iets vaker als reden opgevoerd na een uitspraak van de meervoudige strafkamer dan na een van de unus.