Het budgetrecht van het Nederlandse parlement
Einde inhoudsopgave
Het budgetrecht van het Nederlandse parlement 2017/2.11:2.11 Verzakelijking
Het budgetrecht van het Nederlandse parlement 2017/2.11
2.11 Verzakelijking
Documentgegevens:
mr. M. Diamant, datum 01-09-2017
- Datum
01-09-2017
- Auteur
mr. M. Diamant
- Vakgebied(en)
Staatsrecht (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Van Twist 1999, p. 287.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De periode tussen de Tweede Wereldoorlog en omstreeks 1995 wordt gekenmerkt door het ‘meeregeren’ van het parlement. Vanaf 1995 lijkt de positie van het parlement tegenover de regering onder invloed van de toenemende verzakelijking, waaronder de toenemende Europese integratie, te veranderen. Het ‘meeregeren’ krijgt een andere invulling, net als het budgetrecht. De begroting wordt steeds technischer waardoor de mogelijkheden voor het parlement om grote wijzigingen in het beleid te bewerkstellingen steeds meer lijken af te nemen.
Met het op orde brengen van de overheidsfinanciën (intern) en de verbeterde toegang tot de begroting (extern) konden de betrokken partijen bij de begroting zich meer richten op de inhoud en de betekenis van de begroting, vooral in relatie tot het achterliggende beleid, én de daarmee samenhangende verantwoording. Dit had een zekere verzakelijking van de begrotingsbehandeling tot gevolg. Deze verzakelijking werd geïntroduceerd door de kabinetten Lubbers (1982-1994) – de Operatie Comptabel Bestel gaf hiertoe de aanzet – en werd versterkt tijdens de kabinetten Kok (1994-2002).
De verzakelijking van de begroting en de begrotingsbehandeling kan mede in het licht worden gezien van een verzakelijking van de politiek. Met name tijdens de kabinetten Kok was sprake van een vervaging van ideologische verschillen tussen de partijen die de coalitie vormden – PvdA, VVD en D66. De ‘ideologische veren’ werden afgeschud. De ministers uit de kabinetten waren gericht op inhoudelijke dossierkennis. De overheidsfinanciën moesten vooral efficiënt en bedrijfsmatig worden ingericht, met een grotere nadruk op prestaties en verantwoordelijkheden.1
De verzakelijking wordt vooral gekenmerkt door een versterking van de begrotingsdiscipline en de gebondenheid van het Tweede Kamer aan de budgetdiscipline, de toenemende Europeanisering en het fenomeen van de tegenbegrotingen. Daarnaast heeft de nadruk op het creëren van een doelmatige en doeltreffende overheid bijgedragen aan de verzakelijking.
2.11.1 Versterking van de begrotingsdiscipline2.11.2 Toenemende Europese (economische) integratie2.11.3 Tegenbegroting2.11.4 Gevolgen voor het budgetrecht2.11.5 Beleidsbegrotingen: de operatie VBTB2.11.6 De begroting als financieel document: de operatie Verantwoord Begroten2.11.7 Doelmatigheidstoets door de Tweede Kamer