Einde inhoudsopgave
Naar een Nederlandse political question-doctrine? (SteR nr. 50) 2020/1.2
1.2 Urgenda in breder perspectief
mr. drs. R. van der Hulle, datum 01-08-2020
- Datum
01-08-2020
- Auteur
mr. drs. R. van der Hulle
- JCDI
JCDI:ADS233678:1
- Vakgebied(en)
Staatsrecht / Rechtspraak
Voetnoten
Voetnoten
Zie bijv. Bauw 2017. Vgl. ook De Poorter 2020; Van Gestel 2020, p. 71-72; Vranken 2020.
ABRvS 29 mei 2019, ECLI:NL:RVS:2019:1603, AB 2019/309, m.nt. Backes. Zie in dezelfde zin ABRvS 29 mei 2019, ECLI:NL:RVS:2019:1603, AB 2019/308, m.nt. Backes. Overigens is daarmee niet gezegd dat de stikstof-uitspraken ook op één lijn kunnen worden gesteld met Urgenda. Anders dan in Urgenda, bestond er in de stikstof-uitspraken op zichzelf geen discussie over het toepasselijke wettelijke kader waaraan de rechter moest toetsen.
Op 9 maart 2020 heeft in de Tweede Kamer, mede op initiatief van Thierry Baudet van Forum voor Democratie, een rondetafelgesprek over dit onderwerp plaatsgevonden. Vgl. De Poorter 2020. Zie ook Van Lochem 2020.
Koopmans 1978. In het vervolg van dit onderzoek verwijs ik naar de tweede, in 1986, verschenen druk, waarin de beschouwingen over de political question-doctrine zijn gehandhaafd. Zie Koopmans 1986.
Koopmans 1993.
Koopmans 2003.
De Werd 2004; Fleuren 2004a.
Urgenda past in een bredere en al veel langer gevoerde discussie in Nederland over de rol van de rechter.1 Deze discussie wordt regelmatig aangewakkerd door rechterlijke uitspraken met belangrijke politieke en maatschappelijke gevolgen. Urgenda is daar een goed voorbeeld van. De recente bevestiging van het reductiebevel door de Hoge Raad, samen met bijvoorbeeld de recente stikstof-uitspraken van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, maken deze discussie zelfs actueler dan ooit.2 Inmiddels wordt ook op politiek niveau gepleit voor een bezinning op de positie van de rechter.3 In de kern gaat het daarbij om de vraag of de invloed van de rechter op het overheidsbeleid niet te groot is geworden. Anders gezegd: mengt de rechter zich soms niet te veel in de politiek?
Zoals de reacties op het Urgenda-vonnis illustreren, wordt in deze discussie over de rol van de rechter onder meer naar de Amerikaanse political question-doctrine verwezen. Op grond van die doctrine dient de Amerikaanse rechter in bepaalde geschillen een inhoudelijke beoordeling achterwege te laten. Onder Nederlandse rechtsbeoefenaars geniet deze doctrine al veel langer bekendheid. Een van de belangrijkste en bekendste auteurs op dit gebied is Koopmans, die in zijn Vergelijkend Publiekrecht uit 1978,4 de bundel Rechters en politiek uit 1993,5 en in zijn Courts and Political Institutions uit 20036 beschouwingen aan de doctrine heeft gewijd. Ook De Werd en Fleuren hebben in de bundel Grenzen aan de rechtspraak? Political question, acte de gouvernement en rechterlijk interventionisme uit 2004 aandacht aan de doctrine besteed.7
De Amerikaanse political question-doctrine lijkt vooral de laatste jaren nog meer in de belangstelling te staan. Niet alleen Urgenda, maar ook diverse andere recente zaken voor de Nederlandse rechter zijn nadrukkelijk met deze doctrine in verband gebracht, hetzij door de procespartijen of de rechter, hetzij in de literatuur. Ik noem hierna enkele voorbeelden.
1.2.1 De kredietcrisis1.2.2 Wilders1.2.3 Brexit1.2.4 Het Oekraïne-referendum en nasleep