Einde inhoudsopgave
RvdW 2026/414
Procesrecht. Bewijsrecht. Vordering tot inzage bescheiden op voet art. 843a (oud) Rv. Verhouding tot gelegd bewijsbeslag. Inzage in eigen administratie.
HR 13-03-2026, ECLI:NL:HR:2026:413
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
13 maart 2026
- Magistraten
Mrs. M.J. Kroeze, H.M. Wattendorff, F.J.P. Lock, A.E.B. ter Heide, F.R. Salomons
- Zaaknummer
25/01398
- Conclusie
A-G mr. R.H. de Bock
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Burgerlijk procesrecht / Beslag en executie
Burgerlijk procesrecht / Bewijs
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2026:413, Uitspraak, Hoge Raad, 13‑03‑2026
ECLI:NL:PHR:2025:1073, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 03‑10‑2025
Beroepschrift, Hoge Raad, 17‑04‑2025
- Wetingang
Art. 843a (oud) Rv
Essentie
Procesrecht. Bewijsrecht. Vordering tot inzage bescheiden op voet art. 843a (oud) Rv. Verhouding tot gelegd bewijsbeslag. Inzage in eigen administratie.
Samenvatting
In deze zaak is het recht van toepassing dat gold voor de inwerkingtreding op 1 januari 2025 van de Wet vereenvoudiging en modernisering bewijsrecht. Art. 843alid 1 (oud) Rv bepaalt dat hij die daarbij rechtmatig belang heeft, op zijn kosten inzage, afschrift of uittreksel kan vorderen van bepaalde bescheiden aangaande een rechtsbetrekking waarin hij of zijn rechtsvoorgangers partij zijn, van degene die deze bescheiden te zijner beschikking of onder zijn ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.