Instellingen voor collectieve belegging in effecten
Einde inhoudsopgave
Instellingen voor collectieve belegging in effecten (O&R nr. 119) 2020/5.6.7.1:5.6.7.1 Toezicht bij grensoverschrijdend beheer
Instellingen voor collectieve belegging in effecten (O&R nr. 119) 2020/5.6.7.1
5.6.7.1 Toezicht bij grensoverschrijdend beheer
Documentgegevens:
mr. drs. J.E. de Klerk, datum 01-02-2020
- Datum
01-02-2020
- Auteur
mr. drs. J.E. de Klerk
- JCDI
JCDI:ADS193730:1
- Vakgebied(en)
Financieel recht / Financieel toezicht (juridisch)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Art. 124 lid 5 OPC-Law 2010.
Art. 32 lid 5 EC Regulations 2011.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Zoals reeds beschreven verleent de toezichthouder van de lidstaat van herkomst de vergunning aan de beheerder. De verdeling van de toepasselijke regels is beschreven in paragraaf 5.6.2.1. In beginsel dienen beide toezichthouders toezicht te houden op de regels uit de eigen lidstaat.
Beide toezichthouders mogen optreden tegen de beheerder maar alleen voor zover deze voorschriften overtreedt die onder hun verantwoordelijkheid vallen.1 De toezichthouder van de lidstaat van herkomst van de beheerder heeft de bevoegdheden en sanctiemogelijkheden die in paragraaf 2.4.1.4 zijn beschreven.
Indien een beheerder een bijkantoor heeft gevestigd in een andere lidstaat, heeft de toezichthouder van de lidstaat van herkomst van de beheerder aanvullende onderzoeksbevoegdheden. De lidstaat van ontvangst van de beheerder moet ervoor zorgen dat de toezichthouder van de lidstaat van herkomst van de beheerder zelf ‘of via een daartoe geïnstrueerde tussenpersoon’ ter plaatse bepaalde gegevens kan verifiëren.2 Alhoewel niet duidelijk uit de bepaling blijkt om welke gegevens het precies gaat, is het waarschijnlijk dat het om de gegevens gaat die relevant zijn voor het toezicht waarvoor de toezichthouder van de lidstaat van herkomst van de beheerder verantwoordelijk is. De toezichthouder van de lidstaat van ontvangst mag zelf bij een bijkantoor de gegevens verifiëren die relevant zijn voor de bepalingen waar hij bevoegd is om toezicht op te houden.3
De toezichthouder van de lidstaat van ontvangst van de beheerder die tevens van de toezichthouder van de lidstaat van herkomst van de icbe is, is bij uitsluiting bevoegd om maatregelen jegens de icbe te nemen.4 De toezichthouder van de lidstaat van herkomst van de beheerder heeft deze bevoegdheid niet.
De toezichthouder van de lidstaat van herkomst van de icbe kan de aanvraag van de beheerder weigeren indien de beheerder niet voldoet aan de relevante regels uit de lidstaat van herkomst van de icbe.5 Hiertoe dient hij eerst in overleg te gaan met de toezichthouder van de lidstaat van herkomst van de beheerder.6 Vervolgens mag de toezichthouder van de lidstaat van ontvangst van een beheerder doorlopend de nodige gegevens verlangen die nodig zijn om toezicht te kunnen houden op de regels die onder zijn verantwoordelijkheid vallen.7 Dit mogen overigens niet meer gegevens zijn dan aan beheerders uit de eigen lidstaat worden gevraagd. Deze toezichthouder mag eveneens gegevens opvragen voor statistische doeleinden, maar alleen aan beheerders die een bijkantoor hebben gevestigd, en uitsluitend over de in de lidstaat verrichte werkzaamheden.8
Indien een onder de verantwoordelijkheid van de toezichthouder van ontvangst vallende regel niet wordt nageleefd door een beheerder uit een andere lidstaat, mag deze toezichthouder eisen dat de regel alsnog wordt nageleefd.9 Indien de beheerder niet de informatie verstrekt waarvan de toezichthouder van de lidstaat van ontvangst wel bevoegd is deze te ontvangen of indien de beheerder de schending van de regels blijft voortzetten, dient de toezichthouder van de lidstaat van ontvangst van de beheerder de toezichthouder van de lidstaat van herkomst van de beheerder hiervan op de hoogte stellen.10 Deze toezichthouder van de lidstaat van herkomst moet vervolgens passende maatregelen nemen om te zorgen dat de informatie alsnog naar de toezichthouder van de lidstaat van ontvangst wordt gestuurd of dat de inbreuk wordt beëindigd. Hiervan doet hij mededeling aan de toezichthouder van de lidstaat van ontvangst.11
Indien de beheerder de informatie desondanks niet stuurt of toch geen einde aan de inbreuk maakt, mag de toezichthouder van de lidstaat van ontvangst óf zelf passende maatregelen nemen óf de zaak onder de aandacht van ESMA brengen, die vervolgens de bemiddelingsprocedure kan starten.12 Onder ‘passende maatregelen’ kunnen diverse handelingen worden verstaan. In Nederland heeft de toezichthouder als passende maatregel bijvoorbeeld de mogelijkheid om de beheerder te verbieden een Nederlandse icbe te beheren of in Nederland overeenkomsten af te sluiten.13 In Luxemburg mag de toezichthouder boetes en andere maatregelen opleggen en eveneens de beheerder dwingen te stoppen met het beheren van de icbe.14 In Ierland heeft de toezichthouder ongeveer dezelfde mogelijkheden.15
In spoedeisende gevallen mag de toezichthouder van de lidstaat van ontvangst ook direct ingrijpen en de hiervoor beschreven procedure overslaan. De Europese Commissie, ESMA en de toezichthouders van de overige betrokken lidstaten moeten dan wel geïnformeerd worden.16