Grensoverschrijdende fusies van kapitaalvennootschappen naar Nederlands recht
Einde inhoudsopgave
Grensoverschrijdende fusies van kapitaalvennootschappen naar Nederlands recht (VDHI nr. 109) 2011/5.5.1:5.5.1 Inleiding. Afbakening van het begrip `minderheidsaandeelhouder'
Grensoverschrijdende fusies van kapitaalvennootschappen naar Nederlands recht (VDHI nr. 109) 2011/5.5.1
5.5.1 Inleiding. Afbakening van het begrip `minderheidsaandeelhouder'
Documentgegevens:
mr. H.J.M.M. van Boxel, datum 11-05-2011
- Datum
11-05-2011
- Auteur
mr. H.J.M.M. van Boxel
- JCDI
JCDI:ADS435737:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Europees ondernemingsrecht
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Zie verder artt. 230, 317 en 330.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De beschermingsregeling als beschreven in dit hoofdstuk is (in eerste instantie) bedoeld voor de minderheidsaandeelhouder. Dat is op te maken uit de wettekst. Lid 1 van artikel 333h geeft de hoofdregel: `(...) kan de aandeelhouder van een verdwijnende vennootschap die tegen het fusiebesluit heeft gestemd (...)'.
Dat het moet gaan om een minderheidsaandeelhouder volgt uit het systeem van de wet.
Voor de fusie is een besluit nodig, dat op grond van het wettelijk systeem genomen zal moeten worden met ten minste de meerderheid van de stemmen.1
Daaruit volgt vice versa dat de tegenstemmers per definitie de minderheid vormen. Zonder meerderheid geen minderheid en dus geen fusie. Daarom is een nadere definitie of afbakening van het begrip minderheid niet nodig en behoeft de wetgever ook geen percentage op te nemen van het aantal stemmen of het vertegenwoordigde kapitaal dat minimaal voor de fusie dient te zijn.