De arbeidsovereenkomst: een bewerkelijk begrip
Einde inhoudsopgave
De arbeidsovereenkomst: een bewerkelijk begrip (MSR nr. 79) 2021/3.3.2.0:3.3.2.0 Inleiding
De arbeidsovereenkomst: een bewerkelijk begrip (MSR nr. 79) 2021/3.3.2.0
3.3.2.0 Inleiding
Documentgegevens:
S. Said, datum 13-12-2021
- Datum
13-12-2021
- Auteur
S. Said
- JCDI
JCDI:ADS583412:1
- Vakgebied(en)
Arbeidsrecht / Arbeidsovereenkomstenrecht
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Bles 1907, Deel I, p. 117 (Beraadslagingen in de Tweede Kamer). Aanvankelijk is overigens geopperd dat in dit verband strafrechtelijke publiekrechtelijke bepalingen nodig zouden zijn. Dit idee is echter verlaten, zie: Bles 1907, Deel I, p. 120 (Voorloopig Verslag der Eerste Kamer).
Bles 1907, Deel I, p. 122 (Voorloopig Verslag der Eerste Kamer).
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In het BW 1909 werd niet langer gesproken van overeenkomsten van huur van werk, nijverheid en diensten, maar van overeenkomsten tot het verrichten van arbeid. Overigens is nog overwogen om de nieuwe regeling inzake de arbeidsovereenkomst niet in het Burgerlijk Wetboek, maar in een aparte wet op te nemen, met zowel civiel- als publiekrechtelijke elementen.1 Daarin zouden zelfs bepalingen van strafrechtelijke aard kunnen worden opgenomen, om zodoende ‘bijzonder nadeelige misbruiken’ te kunnen bestrijden.2 De plaatsing van de nieuwe regeling in het Burgerlijk Wetboek lag echter meer voor de hand: de arbeidsovereenkomst is immers een privaatrechtelijke overeenkomst. Wel werd erkend dat de arbeidsovereenkomst, vanwege de hiervoor beschreven ongelijkheid tussen contractspartijen, een bijzondere positie in het contractenrecht innam.
De overeenkomsten tot het verrichten van arbeid kwamen alle drie terug in artikel 7A:1637 BW (oud):
‘Behalve de overeenkomsten tot het verrichten van enkele diensten, welke door de aan dezelve eigene bepalingen en bedongene voorwaarden, en bij gebreke van deze door het gebruik, worden geregeerd, bestaan er twee soorten van overeenkomsten, waarbij de eene partij zich verbindt, voor de andere tegen belooning arbeid te verrichten: de arbeidsovereenkomst en de aanneming van werk.’
Hierna wordt achtereenvolgens stilgestaan bij de arbeidsovereenkomst, de overeenkomst van aanneming van werk en de overeenkomsten tot het verrichten van enkele diensten.