Einde inhoudsopgave
RvdW 2026/531
Deelneming aan criminele organisatie die zich bezighoudt met phishingfraude, art. 140 lid 1 Sr. 1. Uitdrukkelijk onderbouwd standpunt m.b.t. betrouwbaarheid van verklaringen van medeverdachte, art. 359 lid 2 Sv. 2. Overschrijding redelijke termijn in feitelijke aanleg. Kon hof volstaan met strafkorting van 4 maanden? HR: art. 81 lid 1 RO. Samenhang met RvdW 2026/532 en met 23/03766 P, 23/03767 en 23/03890 (niet gepubliceerd; geen middelen ingediend, verdachte/betrokkene n-o).
HR 31-03-2026, ECLI:NL:HR:2026:490
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
31 maart 2026
- Magistraten
Mrs. V. van den Brink, C.N. Dalebout, F. Damsteegt
- Zaaknummer
23/03787
- Conclusie
A-G mr. P.H.P.H.M.C. van Kempen
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Strafprocesrecht / Terechtzitting en beslissingsmodel
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2026:490, Uitspraak, Hoge Raad, 31‑03‑2026
ECLI:NL:PHR:2026:4, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 06‑01‑2026
Essentie
Deelneming aan criminele organisatie die zich bezighoudt met phishingfraude, art. 140 lid 1 Sr. 1. Uitdrukkelijk onderbouwd standpunt m.b.t. betrouwbaarheid van verklaringen van medeverdachte, art. 359 lid 2 Sv. 2. Overschrijding redelijke termijn in feitelijke aanleg. Kon hof volstaan met strafkorting van 4 maanden? HR: art. 81 lid 1 RO. Samenhang met RvdW 2026/532 en met 23/03766 P, 23/03767 en 23/03890 (niet gepubliceerd; geen middelen ingediend, verdachte/betrokkene n-o).
Partij(en)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer 23/03787
Datum 31 maart 2026
ARREST
op het beroep in ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.