De meerwaarde van meervoud
Einde inhoudsopgave
De meerwaarde van meervoud (SteR nr. 48) 2019/9.2.1:9.2.1 Mate van ingesteld hoger beroep
De meerwaarde van meervoud (SteR nr. 48) 2019/9.2.1
9.2.1 Mate van ingesteld hoger beroep
Documentgegevens:
mr. drs. R. Baas, datum 24-12-2019
- Datum
24-12-2019
- Auteur
mr. drs. R. Baas
- JCDI
JCDI:ADS174104:1
- Vakgebied(en)
Staatsrecht / Rechtspraak
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
De gegevens in deze twee tabellen betreffen driejaarsgemiddelden over de periode 2014-2016. De driejaarsgemiddelden over de jaren daarvoor wijken niet sterk af. Met dank aan Gerard Paulides van de Raad voor de rechtspraak voor de verstrekte gegevens, ook voor de kostprijzen per zaakscategorie in bijlage D.
Marseille, De Graaf & Smit 2007, p. 117-118.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In de tabellen 9.4-9.5 zijn de percentages civiele respectievelijk strafzaken te vinden waarin hoger beroep is ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank. Het betreft hier een gemiddelde van alle rechtbanken, waarbij opgemerkt wordt dat de verschillen tussen de rechtbanken groot zijn, zowel bij civiel als straf. In de tabellen is ook te lezen welk percentage van de onderscheiden zaken in hoger beroep ingetrokken is.1
Tabel 9.4 Percentage enkelvoudige en meervoudige civiele zaken waarin hoger be-roep wordt ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank
percentage in hoger beroep
percentage ingetrokken hoger beroep
handel kanton (EK)
9
28
handel civiel (EK en MK)
37
16
korte gedingen (EK)
17
26
familie (EK en MK)
5
10
Tabel 9.5 Percentage enkelvoudige en meervoudige strafzaken waarin hoger be-roep wordt ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank
percentage in hoger beroep
percentage ingetrokken hoger beroep
overtreding kanton (EK)
3.3
7
politierechter (EK)
13
10
kinderrechter (EK)
8
20
meervoudige kamer (MK)
39
17
Partijen gaan dus aanmerkelijk vaker in beroep tegen vonnissen van de meervoudige strafkamer dan tegen een vonnis van een alleensprekende strafrechter. Dat lijkt begrijpelijk, omdat een meervoudige strafkamer zwaardere straffen oplegt, waardoor het belang groter is om de zaak opnieuw aan de rechter voor te leggen. In paragraaf 9.2.2 wordt besproken welke motieven partijen in strafzaken hebben om in hoger beroep te gaan.
Waarschijnlijk valt voor civiele zaken dezelfde conclusie te trekken als voor strafzaken, namelijk dat een meervoudige zaak grotere kans heeft hoger beroep tegemoet te zien dan een enkelvoudige. Ook hier ligt het voor de hand de reden daarvan te vinden in het belang van de zaak, dat in civiele gedingen vooral financieel van aard zal zijn.
Verder valt op dat het hoger beroep in een aanzienlijke minderheid van de (meervoudige en enkelvoudige) zaken uiteindelijk wordt ingetrokken.
Ook over de percentages hoger beroep in bestuurszaken zijn gegevens beschikbaar in de Kengetallen gerechten, maar deze zijn niet uitgesplitst naar meervoudige en enkelvoudige behandeling. Daarom zijn die hier niet opgenomen. Ander onderzoek biedt wel enige uitkomst, zij het met gegevens uit 2007. Daarin is vermeld hoe vaak de eiser in meervoudige en enkelvoudige bestuurszaken hoger beroep heeft ingesteld (zie tabel 9.6).2
Tabel 9.6 Percentage zaken waarin de eiser in enkelvoudige en meervoudige be-stuurszaken hoger beroep heeft ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank (aantallen tussen haakjes)
enkelvoudig behandeld (349)
meervoudig behandeld (35)
totaal (384)
hoger beroep van eiser
39
61
41
Uit de tabel blijkt dat de eiser in meervoudig behandelde bestuurszaken verhoudingsgewijs aanmerkelijk vaker in appel ging. De onderzoekers noemen het verband significant. Deze bevindingen komen overeen met die in civiele en strafzaken.