De optimale rechtsvorm voor de samenwerking in het beroep
Einde inhoudsopgave
De optimale rechtsvorm voor de samenwerking in het beroep (VDHI nr. 139) 2017/2.2.8.4:2.2.8.4 Deontologie van de notarissen
De optimale rechtsvorm voor de samenwerking in het beroep (VDHI nr. 139) 2017/2.2.8.4
2.2.8.4 Deontologie van de notarissen
Documentgegevens:
mr. S.E. van der Waals, datum 30-01-2017
- Datum
30-01-2017
- Auteur
mr. S.E. van der Waals
- JCDI
JCDI:ADS385537:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Algemeen
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Zie de website van de KNB: <www.knb.nl>.
Zie hiervoor de website van de KNB: <www.wet-en-regelgeving-notariaat.nl>.
Luijten 1974, p. 27.
Een praktijk-BV is een BV die niet zelf een beroep uitoefent (als rechtspersoon), maar met behulp waarvan de beroepsuitoefening plaatsvindt. Ook naar huidig recht bestaat er echter nog twijfel of het gebruik van een praktijk-BV door notarissen wel ethisch is (zie hierover hoofdstuk 3).
Luijten 1974, p. 27.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De KNB is de (Koninklijke Notariële) Beroepsorganisatie die zorg draagt voor een goede beroepsuitoefening door notarissen.1 De KNB is (ook) een bij wet ingestelde beroepsorganisatie en heeft ter uitvoering van het notariële ambt verschillende regelingen en verordeningen uitgevaardigd, waaraan de leden2 zich dienen te houden.3 Er bestaan onder andere de Verordening beroeps- en gedragsregels 2011 en de Verordening interdisciplinaire samenwerking 2003.
De Verordening beroeps- en gedragsregels is gebaseerd op artikel 61 van de Wet op het notarisambt (Wna) waarin onder meer is bepaald:
‘De KNB heeft tot taak de bevordering van een goede beroepsuitoefening door de leden en van hun vakbekwaamheid. Haar taak omvat mede de zorg voor de eer en het aanzien van het notarisambt. Bij verordening worden beroeps- en gedragsregels van de leden van de KNB vastgesteld.’
In artikel 16 van de Verordening beroeps- en gedragsregels wordt de samenwerking tussen (kandidaat-)notarissen geregeld. In de Verordening interdisciplinaire samenwerking 2003 is geregeld dat de notaris ook kan samenwerken met beoefenaren van een ander beroep. In artikel 1 wordt allereerst het samenwerkingsverband gedefinieerd. Een samenwerkingsverband is op grond van de Verordening aan te merken als ‘iedere samenwerking met een beoefenaar van een ander beroep dan notaris waaraan een of meer notarissen deelnemen dan wel een verband van notarissen deelneemt en waarbij de deelnemers geheel of gedeeltelijk voor gezamenlijke rekening en risico praktijk uitoefenen of zeggenschap over bedrijfsvoering met elkaar delen’. Het lijkt erop dat een notaris dus ook een dergelijk verband mag aangaan met, bijvoorbeeld, een arts. Dit is echter niet het geval. Op grond van artikel 2 van de Verordening is het de notaris slechts toegestaan een samenwerkingsverband aan te gaan met advocaten en belastingadviseurs. Met anderen mag wel worden samengewerkt, maar het mag dan geen samenwerkingsverband betreffen als gedefinieerd in de Verordening.
In geen van de verordeningen of richtlijnen is een regel aan te treffen die bepaalt in welke rechtsvorm notarissen dienen samen te werken. Wel organiseert de KNB sinds enige tijd (gezien de grote vraag hiernaar) bijeenkomsten waarin adviezen hieromtrent worden gegeven.
In meer gedateerde (en niet meer geldende) wetgeving over notariële beroepsuitoefening zijn ook geen regels terug te vinden over een bepaalde rechtsvorm waarin samengewerkt dient te worden. Wel waren er regels die impliceerden dat de maatschap (of de eenmanszaak) de meest aangewezen vorm was. Zo werd er in (oudere versies van) de Wet op het notarisambt lange tijd van uitgegaan dat het notarisambt wordt uitgeoefend door natuurlijke personen. Daar komt bij dat de wetgever de notaris beschouwt als een openbaar ambtenaar. Het gebruik van de BV voor samenwerking tussen notarissen werd hiermee niet verenigbaar geacht.4 De toenmalige beroepsorganisatie de ‘Koninklijke Broederschap der Notarissen’ in Nederland (later veranderd in de KNB) vond daarnaast dat ook een praktijk-BV5 maar beter niet gebruikt kon worden.6 Toch bestond en bestaat er ook bij notarissen de behoefte zich te verenigen in een rechtspersoon, vanwege problemen van juridische, fiscale, economische en organisatorische aard. Vandaar dat het in de loop van de tijd uiteindelijk meer gangbaar werd om ook het notarisambt uit te oefenen in een BV of zelfs een NV. Op het gebruik van een praktijk-BV wordt nader ingegaan in hoofdstuk 3.