Burgerschap op orde
Einde inhoudsopgave
Burgerschap op orde (SteR nr. 66) 2024/XVIb:XVIb VSW-voorstel tot instelling van een Commissie Modernisering Leerplan Maatschappelijke en Staatsburgerlijke Vorming (CMLMSV) 1976
Burgerschap op orde (SteR nr. 66) 2024/XVIb
XVIb VSW-voorstel tot instelling van een Commissie Modernisering Leerplan Maatschappelijke en Staatsburgerlijke Vorming (CMLMSV) 1976
Documentgegevens:
Th.E.M. Wijte, datum 08-01-2024
- Datum
08-01-2024
- Auteur
Th.E.M. Wijte
- JCDI
JCDI:ADS977856:1
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen (V)
Staatsrecht (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De VSW is in 1970 opgericht door een groep niet-meegaande VOS-leden in de fusie met de Voha in de Vereniging voor economisch/maatschappelijk onderwijs (Vemo). Deze leden, waaronder een aantal oud-bestuursleden, behoren tot de groep verontruste docenten economie, recht en staatsinrichting die, zoals gezegd, niets in een fusie van de VOS met de Voha zien. Tot de statutaire doelstellingen van de VSW behoort het bevorderen van modern onderwijs in de vakken: (a) staatsinrichting, (b) economie, (c) recht en (d) maatschappijleer, en in (e) de staatsburgerlijke vorming.
Voor de in het initiatiefwetsvoorstel-Schuring, Tilanus en Bos (CHU) besproken ‘geïntegreerde vakken kolom’ staatsinrichting, recht en maatschappijleer in de bovenbouw toont de staatssecretaris van OKW belangstelling: ‘Hij is ervan overtuigd dat er door de Wvo op dit gebied een misgreep (curs.W) is gedaan en dat het ministerie deze zaak over enkele jaren ter hand zal moeten nemen’. Na zes jaar grijpt het bestuur hierop terug. In de brief is de stand van zaken aangegeven van de democratische vorming die ‘vanwege bewuste vakkenreductie’ in de wetgeving sneuvelt. De brief is opgebouwd rond vier verzoeken.
Het eerste verzoek betreft de urentabellen voor de economische vakken. Het tweede gaat over het verzelfstandigen van recht, onder aantekening van het verzoek van de CMLER zulks te realiseren. Het derde verzoek behelst het opnemen van staatsinrichting als zelfstandig vak op het vwo/havo, waarmee de politieke bewustwording als doel van staatsinrichting meer mogelijkheden krijgt dan in combinatie met geschiedenis. Het vierde verzoek vraagt de instelling van een Commissie Modernisering Leerplan Maatschappelijke en Staatsburgerlijke Vorming (CMLMSV). Het vraagt een inventarisatie van wat in het voortgezet onderwijs versnipperd aan staatsburgerlijke vorming gebeurt om daarna met voorstellen voor een geïntegreerde aanpak van staatsinrichting, recht en maatschappijleer te komen. Ook moet de CML- MSV adviseren over de bevoegdheden en de docentenopleiding.
De gelijkenis met de voorstellen in het initiatiefwetsvoorstel maatschappelijke en staatsburgerlijke vorming in 1971 is evident. Het is een nieuwe poging de minister en het parlement voor de invoering en vormgeving van de geïntegreerde maatschappelijke en staatsburgerlijke vorming te interesseren. Het voorstel heeft tot de intrekking in 1977 op parlementaire behandeling gewacht. De minister neemt het voorstel niet over. De VSW zou tot de fusie in 1982 met de Vemo kleinschalige initiatieven nemen om de positie van staatsinrichting en recht te verbeteren. Maar veelal komt ook daarop nul op het rekest.
In de Vecon krijgt staatsburgerlijke vorming in de artikelen en columns in het Tijdschrift voor het economisch onderwijs (TEO) te geringe aandacht, in tegenstelling tot de bevordering van de belangen van de vakken economie, handelswetenschappen en management & organisatie. De aandacht voor staatsburgerlijke vorming van de Vecon en de TEO-redactie droogt geleidelijk op.