Einde inhoudsopgave
RvdW 2023/760
Erf(proces)recht. Ontvankelijkheid; hoedanigheid waarin procespartijen hebben geprocedeerd. Grenzen van de rechtsstrijd in hoger beroep.
HR 30-06-2023, ECLI:NL:HR:2023:1007
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
30 juni 2023
- Magistraten
Mrs. M.J. Kroeze, C.H. Sieburgh, H.M. Wattendorff, A.E.B. ter Heide, K. Teuben
- Zaaknummer
22/02008
- Conclusie
A-G mr. E.M. Wesseling-van Gent
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Bestuursprocesrecht / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2023:1007, Uitspraak, Hoge Raad, 30‑06‑2023
ECLI:NL:PHR:2023:261, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 03‑03‑2023
Essentie
Erf(proces)recht. Ontvankelijkheid; hoedanigheid waarin procespartijen hebben geprocedeerd. Grenzen van de rechtsstrijd in hoger beroep.
Partij(en)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer 22/02008
Datum 30 juni 2023
ARREST
In de zaak van
1. [eiseres 1], hierna: [eiseres 1],
wonende te [woonplaats],
2. [eiseres 2], hierna: [eiseres 2],
wonende te [woonplaats],beiden in hun hoedanigheid van vereffenaar van de nalatenschap van [de moeder] en als gevolmachtigde van [de derde dochter] (hierna: [de derde dochter]) in haar hoedanigheid van vereffenaar van de nalatenschap van [de moeder],
EISERESSEN tot cassatie,
advocaat: A.H.M. van den Steenhoven,
tegen
1. ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.