Einde inhoudsopgave
Personentoetsingen in de financiële sector (O&R nr. 127) 2021/1.3.2
1.3.2 Uitbreiding en aanscherping toetsingsvereisten
mr. drs. I. Palm-Steyerberg, datum 01-03-2021
- Datum
01-03-2021
- Auteur
mr. drs. I. Palm-Steyerberg
- JCDI
JCDI:ADS268346:1
- Vakgebied(en)
Financieel recht / Europees financieel recht
Financieel recht / Financieel toezicht (juridisch)
Voetnoten
Voetnoten
Art. 91 CRD IV en art. 9 MiFID II. Zie ook Tabel 3.1 bij Hoofdstuk 3. In de meeste gevallen brachten deze aanvullingen overigens geen wijziging in de Nederlandse toetsingspraktijk, omdat deze criteria reeds volgden uit de geschiktheidstoets en de uitgebreide Beleidsregel Geschiktheid, zie Hoofdstuk 2.
Art. 45, tweede lid en 47, eerste lid, MiFID II.
Art. 3, eerste lid van de Richtlijn Elektronisch geld, zoals aangepast door de PSD II van 25 november 2015 (art. 111, eerste lid jo art. 5, eerste lid van de PSD II). De Nederlandse Wft stelde personentoetsingen voor elektronischgeldinstellingen reeds sinds 1 januari 2012 verplicht.
Art. 42, eerste lid, Richtlijn Solvabiliteit II en art. 6, aanhef en onder 18 jo art. 22 IORP II-Richtlijn.
Art. 37 en Hoofdstuk 3 van de Richtsnoeren voor het beoordelen van de geschiktheid van leden van het leidinggevend orgaan en medewerkers met een sleutelfunctie (ESMA71-99-598 EBA/GL/2017/12, 21/03/2018), hierna de “Richtsnoeren van EBA en ESMA uit 2017”. Op 31 juli 2020 hebben EBA en ESMA een voorstel gepubliceerd voor aanpassing van deze richtsnoeren (EBA/GL/2020/19 ESMA35-43-2464, Consultation Paper on Draft joint ESMA and EBA Guidelines on the assessment of the suitability of members of the management body and key function holders under Directive 2013/36/EU and Directive 2014/65/EU). In deze consultatieversie worden medewerkers met een sleutelfunctie bij kleine en niet verweven beleggingsondernemingen uitgezonderd van de toetsingsvereisten. Zie voor een nadere bespreking van de toetsingsregelgeving voor houders van interne controlefuncties en (overige) leden van het tweede echelon: Hoofdstuk 4.
Daarnaast is de bestaande Europese regelgeving voor personentoetsingen bij reeds onder toezicht staande instellingen na de crisis op verschillende punten aangevuld en aangescherpt. Zo zijn de aan dagelijks beleidsbepalers en interne toezichthouders te stellen eisen bij banken en beleggingsondernemingen in de CRD IV en de MiFID II verder opgeschroefd. Daarbij zijn onder meer eisen toegevoegd ten aanzien van beschikbaarheid (voldoende tijd), onafhankelijkheid en de samenstelling van het collectief.1 Vergelijkbare eisen werden van toepassing op marktexploi tanten.2 Elektronischgeldinstellingen stonden wel onder toezicht, maar pas met de komst van de PSD II werden ook bij deze instellingen personentoetsingen verplicht gesteld.3
Voorts werd in Europees verband besloten om eisen te stellen aan de houders van interne controlefuncties bij verzekeraars en pensioenfondsen, zoals het hoofd Risk, Audit of Compliance. Deze eisen volgen uit de Richtlijn Solvabiliteit II en de IORP-Richtlijn.4 Ook bij banken en beleggingsondernemingen stellen de richtsnoeren van de betrokken ESA’s eisen aan deze personen en aan andere sleutelfunctiehouders.5