Einde inhoudsopgave
Het Unierechtelijke verdedigingsbeginsel (FM nr. 170) 2021/2.1
2.1 Aspecten van het Nederlandse (fiscale) bestuursrecht
Anneke Els Keulemans, datum 01-08-2021
- Datum
01-08-2021
- Auteur
Anneke Els Keulemans
- JCDI
JCDI:ADS362945:1
- Vakgebied(en)
Fiscaal procesrecht / Beroepsfase
Fiscaal procesrecht / Procesorde
Fiscaal bestuursrecht / Algemene rechtsbeginselen en abbb
Fiscaal bestuursrecht / Bezwaarfase
Europees belastingrecht / Algemeen
Voetnoten
Voetnoten
Niessen en Hofstra 2010, onder 14.1.2; Okhuizen e.a. 2016, onder 2.1.
Feteris 2007, onder 1.2.
Douma e.a., 2019, onder 3.2.1; Okhuizen e.a. 2016, onder 1.1.2; Vliet, van, 2019, onder 1.2.3, 1.4.3.2 en 1.4.3.3: Een groot deel van het douanerecht is in 1992 geharmoniseerd op het niveau van de Europese Gemeenschap en de Europese Unie en neergelegd in Europese verordeningen. Eerst met verordening (EEG) 2913/92 (Communautair douanewetboek) en verordening (EEG) 2454/93 (TCDW). Het CDW is middels drie verordeningen (gedelegeerde verordening 2015/2446, uitvoeringsverordening 2015/2447 en verordening 2016/341) vervangen door het Douanewetboek van de Unie (DWU). Met de inwerkingtreding van een uniform douanewetboek van de Gemeenschap (CDW) en later van de Unie (DWU) is het douanerecht grotendeels Unierechtelijk geregeld. De onderdelen die het Unierecht niet regelt, mogen de lidstaten zelf regelen. Nederland doet dit voor bijvoorbeeld bepalingen met betrekking tot handhaving en controle en boeten in de Algemene douanewet (ADW).
Het formele belastingrecht bepaalt hoe materiële belastingschulden moeten leiden tot het betalen van de verschuldigde belasting. Materiële belastingschulden ontstaan uit de wet, de feiten en het tijdsverloop.1 Voor de betaling is het noodzakelijk dat de verschuldigde belasting wordt vastgesteld, dit wordt de heffing van belasting genoemd.2 Na de vaststelling van de belasting volgt de betaling daarvan, dit is de invordering van de verschuldigde belasting. Het formele belastingrecht is grotendeels opgenomen in de Awb, de AWR (lex specialis van de Awb) en de IW 1990. Voor douanerechten gelden de regels van het DWU en de ADW.3 De twee Nederlandse methoden van het formaliseren van de materiële belastingschuld zijn de heffing bij wege van aanslag en de heffing bij wege van voldoening of afdracht op aangifte. Deze heffingsmethoden worden in de volgende paragrafen besproken.
2.1.1 Heffing bij wege van aanslag2.1.2 Heffing bij wege van voldoening of afdracht op aangifte2.1.3 Fiscale beslissingen op aanvraag2.1.4 Fiscale bestuurlijke sancties2.1.5 De Nederlandse procedure van bezwaar en beroep