Einde inhoudsopgave
Een Nederlandse personenvennootschap met beperkte aansprakelijkheid (IVOR nr. 81) 2011/3.6.6
3.6.6 De risico's van schuldeisers
mr.drs. I.S. Wuisman, datum 13-01-2011
- Datum
13-01-2011
- Auteur
mr.drs. I.S. Wuisman
- JCDI
JCDI:ADS397951:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Voetnoten
Voetnoten
Millbert, P.O. (2008), supra noot 4, in: H. Eidenmülller en W. Schdn et al. (2008), supra noot 4, blz. 371.
Smith, C.W. en J.B. Wamer (1979), 'On Financial Contracting; An Analysis of Bond Covenants', 7 Journal of Economics, blz. 117-161. Vergelijk ook: P.O. Millbert en M. Birke (2002), 'Legal Capital — Is there a Case against the European Legal Capital Rules?', 3 European Business Organization Law Review, blz. 695-732.
Millbert, P.O. (2008), supra noot 4, in: H. Eidenmülller en W. Schdn et al. (2008), supra noot 4, blz. 373.
De risico's waarmee vrijwillige schuldeisers worden geconfronteerd, kunnen in drie dimensies geanalyseerd worden: tijd, oorzaak en veroorzaker.1 De tijdsdimensie van een risico houdt in dat op het moment dat het contract tussen de vennootschap en de crediteur wordt gesloten, de voorwaarden van het contract niet de risico's van de toekomstige (onvoorspelbare) acties van de vennootschap en de kans van oninbaarheid van de claim, op een juiste manier reflecteren. Hierdoor zal de netto contante waarde van de contractuele claim lager zijn dan de nominale waarde. Op het moment dat het contract in werking treedt zal de claim onmiddellijk devalueren. De tweede dimensie geeft inzicht in welke oorzaak ten grondslag ligt aan de devaluatie van een claim. Zo kunnen opportunistisch en ongeoorloofd financieel management leiden tot insolventie, maar ook de effecten van bijvoorbeeld een kredietcrisis kunnen eenzelfde gevolg hebben. Sommige van deze risico's kunnen worden voorkomen of gecontroleerd door de vennootschap, andere liggen buiten haar beheersingsmacht. Handelingen van de vennootschap die kunnen leiden tot een waardedaling van de vorderingen van schuldeisers, zijn onder andere uitkeringen aan aandeelhouders (dividend payments), het aangaan van leningen met dezelfde of een hogere prioriteit (claim dilution), het investeren in risicovollere projecten dan de projecten op basis waarvan afspraken zijn gemaakt en de rente is vastgesteld (asset substitution) en het afwijzen van toekomstige projecten met een positieve netto contante waarde omdat de voordelen aan de schuldeisers ten deel vallen en niet aan de aandeelhouders (underinvestment).2 Een andere oorzaak van de devaluatie van een claim is dat op het moment van het sluiten van de overeenkomst de schuldeiser een gebrek heeft aan informatie over de (financiële) situatie van de vennootschap of misleidende informatie heeft ontvangen waardoor hij de risico's niet goed heeft kunnen inschatten. De onderlinge afspraken zijn dan geen juiste weergave van de potentiële risico's. De derde dimensie ziet op de uiteindelijke veroorzaker van de claims die de schuldeisers in gevaar brengen. Dit kan bijvoorbeeld een bestuurder of een aandeelhouder van de vennootschap zijn. Voor een onvrijwillige schuldeiser zijn de dimensies van de risico's ongeveer gelijk aan die van de vrijwillige schuldeisers, behoudens wanneer zij niet gelegen zijn in een gebrek aan of misleidende informatie.3De mogelijkheid tot het innen van hun claim op de vennootschap zal ook voor hen moeilijker worden indien de vennootschap uitkeringen doet aan aandeelhouders, zekerheden verschaft, risicovollere projecten aangaat etc.