Groepsregime, jaarrekening en 403-aansprakelijkheid
Einde inhoudsopgave
Groepsregime, jaarrekening en 403-aansprakelijkheid (IVOR nr. 116) 2019/5.3:5.3 Nederlandse wetgeving
Groepsregime, jaarrekening en 403-aansprakelijkheid (IVOR nr. 116) 2019/5.3
5.3 Nederlandse wetgeving
Documentgegevens:
mr. drs. E.C.A. Nass, datum 01-08-2019
- Datum
01-08-2019
- Auteur
mr. drs. E.C.A. Nass
- JCDI
JCDI:ADS85602:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Jaarrekeningenrecht
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In de in paragraaf 2.3.2 weergegeven regeling luidt de garantvoorwaarde (art. 2:403 lid 1 onder f BW):
de (…) rechtspersoon of vennootschap schriftelijk heeft verklaard zich hoofdelijk aansprakelijk te stellen voor de uit rechtshandelingen van de rechtspersoon voortvloeiende schulden;
Bovenstaande formulering laat zien dat de in de richtlijn opgenomen garantverklaring in onze wetgeving de vorm heeft gekregen van een hoofdelijke aansprakelijkstellingsverklaring van de maatschappij in wier geconsolideerde jaarrekening de financiële gegevens van de groepsrechtspersoon geconsolideerd zijn verwerkt.
De in de geformuleerde tekst opgenomen subvereisten komen ter sprake in paragraaf 5.3.1 met daarop aansluitend het dekkingsbereik van de gestelde hoofdelijke aansprakelijkheid in paragraaf 5.3.2. Daarna ga ik in op de aansprakelijkstellingsbevoegdheid bij de maatschappij die zich uit hoofde van art. 2:403 BW aansprakelijk heeft gesteld (paragraaf 5.3.3) en op de vraag of de ondernemingsraad al dan niet adviesrecht heeft (paragraaf 5.3.4). Vervolgens komen in mijn analyse nog ter sprake enkele met de aansprakelijkheid verband houdende aspecten omtrent informatieverplichtingen (paragraaf 5.3.5) en de overblijvende aansprakelijkheid na intrekking (paragraaf 5.3.6).
5.3.1 Hoofdelijke aansprakelijkstellingsverklaring5.3.2 Dekkingsbereik5.3.3 Bevoegdheid bestuur van 403-aansprakelijke maatschappij5.3.4 Adviesrecht ondernemingsraad5.3.5 Informatieverplichtingen5.3.6 Restaansprakelijkheid