Het Unierechtelijke verdedigingsbeginsel
Einde inhoudsopgave
Het Unierechtelijke verdedigingsbeginsel (FM nr. 170) 2021/9.2.2.c:9.2.2.c Het recht een standpunt kenbaar te mogen maken en invordering
Het Unierechtelijke verdedigingsbeginsel (FM nr. 170) 2021/9.2.2.c
9.2.2.c Het recht een standpunt kenbaar te mogen maken en invordering
Documentgegevens:
Anneke Els Keulemans, datum 01-08-2021
- Datum
01-08-2021
- Auteur
Anneke Els Keulemans
- JCDI
JCDI:ADS362880:1
- Vakgebied(en)
Fiscaal procesrecht / Beroepsfase
Fiscaal procesrecht / Procesorde
Fiscaal bestuursrecht / Algemene rechtsbeginselen en abbb
Fiscaal bestuursrecht / Bezwaarfase
Europees belastingrecht / Algemeen
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Het kenbaarmakingsbeginsel is neergelegd in artikel 49.2a van de Leidraad Invordering 2008. Dit artikel bevat het recht op informatie, het recht op tijd en het recht een standpunt kenbaar te maken. Dat het kenbaarmakingsbeginsel niet in de Invorderingswet is gecodificeerd, maar in beleid is vervat, leidt niet tot strijd met het Unierecht. Het kenbaarmakingsbeginsel is een materieel beginsel van formeel recht, zodat enkel van belang is dat een bestuursorgaan een belanghebbende daadwerkelijk de gelegenheid geeft een standpunt naar behoren en effectief kenbaar te maken over de elementen waarop een bestuursorgaan een besluit wil baseren voordat het bestuursorgaan een bezwarend besluit neemt (paragraaf 5.4). Het is van belang dat in artikel 49.2a het kenbaarmakingsbeginsel slechts is opgenomen voor een beperkt aantal voorgenomen aansprakelijkheidsbesluiten en niet voor alle bezwarende beslissingen. Daar komt bij dat geen recht op (inzage in) de stukken in de voorfase is opgenomen.
Artikel 10 van de IW 1990 bepaalt dat in een aantal gevallen een belastingaanslag direct invorderbaar is. In de praktijk betekent dit ook dat de belastingdienst het bezwarende besluit neemt zonder de belanghebbende de mogelijkheid te geven een standpunt kenbaar te maken over het voornemen tot het nemen van het besluit. Artikel 10 IW 1990 wordt dan analoog toegepast als reden voor het beperken van het recht een standpunt kenbaar te mogen maken. Zolang alleen het ongeschreven kenbaarmakingsbeginsel van toepassing is, is dit mogelijk (paragraaf 8.5.2.e). Voor sancties en in douanezaken is dat niet het geval. In douanezaken is het DWU – waarin het kenbaarmakingsbeginsel is gecodificeerd – van toepassing en voor sancties is het kenbaarmakingsbeginsel gecodificeerd in het Handvest (paragraaf 8.5.2.e). Schematisch ziet dit er als volgt uit:
Overeenkomsten
Verschillen
Beperking
Gerechtvaardigd?
In artikel 49.2a van de Leidraad Invordering 2008 is het recht op informatie, tijd en een standpunt naar behoren en effectief kenbaar mogen maken, geregeld voor bestuurdersaansprakelijkheid voor bepaalde belastingmiddelen (paragrafen 8.1.3 en 8.4.4.d).
In artikel 49.2a van de Leidraad Invordering 2008 is geen recht op (inzage in) de stukken opgenomen (paragraaf 8.4.4.d).
N.v.t.
N.v.t.
Artikel 49.2a van de Leidraad invordering 2008 regelt het recht een standpunt naar behoren en effectief kenbaar te mogen maken niet voor alle voorgenomen invorderingsbesluiten waarbij het Unierecht ten uitvoer wordt gebracht (paragraaf 8.2.6).
N.v.t.
N.v.t.
Artikel 10 van de IW 1990 wordt analoog toegepast op voorgenomen bezwarende fiscale besluiten (paragraaf 8.5.2.e).
Een analoge toepassing van artikel 10 van de IW 1990 is niet mogelijk voor sancties en douanezaken (paragraaf 8.5.2.e).
Tabel 12