Einde inhoudsopgave
RvdW 2024/92
Herziening. Deventer moordzaak. Moord in 1999 in Deventer, art. 289 Sr. Aanvraag en aanvullende herzieningsaanvraag berusten op stelling dat sprake is van gegeven a.b.i. art. 457 lid 1 sub c Sv. In aanvraag en aanvullende herzieningsaanvraag wordt beroep gedaan op vier herzieningsgronden die volgens aanvrager tot vrijspraak zouden hebben moeten leiden (alternatief scenario). Aangevoerde herzieningsgronden houden verband met o.m. oordeel van hof dat niet aannemelijk is dat aanvrager op 23 september 1999 om 20:36 uur vanaf de A28 nabij ’t Harde een telefoongesprek met slachtoffer heeft gevoerd, en dat feit dat dit gesprek is gevoerd via basisstation in Deventer juist erop duidt dat aanvrager op dat tijdstip in of nabij Deventer was. Daarnaast ziet aanvraag op oordeel van hof dat op blouse van slachtoffer aangetroffen sporen van aanvrager redelijkerwijze geen andere uitleg toelaten dan dat deze moeten zijn ontstaan bij plegen van delict. HR wijdt overwegingen aan de vraag of, en zo ja, in hoeverre HR acht kan slaan op resultaten van nader onderzoek a.b.i. art. 463 Sv waarop in herzieningsprocedure niet door aanvrager zelf beroep wordt gedaan. Verder geeft HR juridisch kader weer m.b.t. onderbouwing en beoordeling van herzieningsaanvraag en eisen die gelden indien aanvraag zich beroept op nieuw en/of gewijzigd deskundigeninzicht. Alles wat in herzieningsaanvraag en aanvullende aanvraag is aangevoerd, levert zowel afzonderlijk als in onderling verband beschouwd, niet een novum op. Dat wil zeggen dat er niet een nieuw gegeven is a.b.i. art. 457 lid 1 sub c Sv, dat ernstig vermoeden wekt dat, als hof daarmee bekend was geweest, onderzoek van zaak zou hebben geleid tot vrijspraak van aanvrager. Dit betekent dat aanvraag ongegrond is. Afwijzing aanvraag.
HR 19-12-2023, ECLI:NL:HR:2023:1772
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
19 december 2023
- Magistraten
Mrs. M.J. Borgers, A.L.J. van Strien, C. Caminada
- Zaaknummer
22/04031 H
- Conclusie
A-G mr. D.J.C. Aben
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Strafprocesrecht / Rechtsmiddelen
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2023:1772, Uitspraak, Hoge Raad, 19‑12‑2023
ECLI:NL:PHR:2023:742, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 29‑08‑2023
Essentie
Herziening. Deventer moordzaak. Moord in 1999 in Deventer, art. 289 Sr. Aanvraag en aanvullende herzieningsaanvraag berusten op stelling dat sprake is van gegeven a.b.i. art. 457 lid 1 sub c Sv. In aanvraag en aanvullende herzieningsaanvraag wordt beroep gedaan op vier herzieningsgronden die volgens aanvrager tot vrijspraak zouden hebben moeten leiden (alternatief scenario). Aangevoerde herzieningsgronden houden verband met o.m. oordeel van hof dat niet aannemelijk is dat aanvrager op 23 september 1999 om 20:36 uur vanaf de A28 nabij ’t Harde een telefoongesprek met slachtoffer heeft gevoerd, en dat feit dat dit gesprek is gevoerd via ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.