Het Unierechtelijke verdedigingsbeginsel
Einde inhoudsopgave
Het Unierechtelijke verdedigingsbeginsel (FM nr. 170) 2021/8.4:8.4 Stap 3: Heeft de belanghebbende een standpunt naar behoren en effectief kenbaar kunnen maken?
Het Unierechtelijke verdedigingsbeginsel (FM nr. 170) 2021/8.4
8.4 Stap 3: Heeft de belanghebbende een standpunt naar behoren en effectief kenbaar kunnen maken?
Documentgegevens:
Anneke Els Keulemans, datum 01-08-2021
- Datum
01-08-2021
- Auteur
Anneke Els Keulemans
- JCDI
JCDI:ADS362920:1
- Vakgebied(en)
Fiscaal procesrecht / Beroepsfase
Fiscaal procesrecht / Procesorde
Fiscaal bestuursrecht / Algemene rechtsbeginselen en abbb
Fiscaal bestuursrecht / Bezwaarfase
Europees belastingrecht / Algemeen
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In deze derde stap van het stappenplan wordt onderzocht of in situaties waarbij het kenbaarmakingsbeginsel van toepassing is, het nationale systeem van een standpunt naar behoren en effectief kenbaar maken al dan niet in overeenstemming is met de eisen die het kenbaarmakingsbeginsel stelt. In paragraaf 8.1 is een overzicht gegeven hoe het hoorrecht in Nederland is geregeld voor fiscale zaken. Hierna wordt het Nederlandse (fiscale) bestuursrecht onderzocht ten aanzien van de vier deelaspecten van het kenbaarmakingsbeginsel en worden overeenkomsten en verschillen met het kenbaarmakingsbeginsel in beeld gebracht. Hierbij worden eerst de deelaspecten het recht op informatie, het recht op (inzage in) de stukken en het recht op voldoende tijd ter voorbereiding van de verdediging (paragrafen 8.4.1 tot en met 8.4.3) besproken. Vervolgens wordt het recht een standpunt kenbaar te mogen maken onderzocht (paragraaf 8.4.4). Dit laatste deelaspect wordt gesplitst in de voorfase en de bezwaarfase (paragrafen 8.4.4.a en 8.4.4.b). Daarnaast wordt de procedure voor vergrijpboeten apart behandeld en wordt ook het recht een standpunt kenbaar te mogen maken en invordering onderzocht (paragrafen 8.4.4.c en 8.4.4.d).
8.4.1 Het recht op informatie8.4.2 Het recht op (inzage in) de stukken8.4.3 Het recht op voldoende tijd ter voorbereiding van de verdediging8.4.4 Het recht een standpunt kenbaar te mogen maken