Einde inhoudsopgave
De meerwaarde van meervoud (SteR nr. 48) 2019/7.3
7.3 Het raadkameroverleg voorafgaand aan de zitting
mr. drs. R. Baas, datum 24-12-2019
- Datum
24-12-2019
- Auteur
mr. drs. R. Baas
- JCDI
JCDI:ADS174074:1
- Vakgebied(en)
Staatsrecht / Rechtspraak
Voetnoten
Voetnoten
Volgens de Professionele standaarden civiele rechter uit 2016 vindt voorafgaand aan een meervoudige comparitie vooroverleg plaats, waaraan alle leden van de kamer deelnemen. De zaaksrechter voert voorafgaand aan een enkelvoudige comparitie overleg met de juridisch medewerker, die tijdens de gehele zitting de rechter blijft ondersteunen. De rechter wordt niet ondersteund door een administratief medewerker, tenzij met goedvinden van de rechter. De Professionele standaarden strafrecht bepalen dat een meervoudige zaak formeel, inhoudelijk en logistiek wordt voorbereid door een juridisch en, waar nodig en gewenst, forensisch medewerker. Een enkelvoudige strafzaak wordt desgewenst voorbereid door een juridisch en, waar nodig en gewenst, een forensisch medewerker.
Van de negen geobserveerde zaken is tweemaal een voorbereidend overleg bijgewoond in de aanloop naar een zitting.1Beide keren duurde dit overleg tien à vijftien minuten en vond het overleg plaats in de werkkamer van een rechter. Alle zaaksrechters en de griffier waren hierbij aanwezig. De voorzitter nam het voortouw tijdens de bespreking, maar alle rechters participeerden erin. De griffier voerde in dit stadium vrijwel niet het woord.
Het zittingsvoorbereidend overleg werd gebruikt om gezamenlijk de zaaksinhoud en de geschilpunten helder voor ogen te krijgen en om te controleren of de rechters daarover eensgezind waren:
Voorzitter: ‘Een voorlopige voorziening dus. Het gaat om het ontslag van een bestuurder die niet behoorlijk voor de aandeelhoudersvergadering zou zijn uitgenodigd. Hij wil schadevergoeding en loon. Wederpartij voert verweer.’ De oudste rechter knikt.
Eenmaal vertelde een rechter in het kort over de voorgeschiedenis van de zaak:
‘We [de rechtbank] hebben eerder een aantal tussenvonnissen in deze zaak gewezen en in een daarvan heb ik zelf uitspraak gedaan. In het teamoverleg is bepaald dat deze zitting nu maar meervoudig moet worden behandeld vanwege alle ingewikkelde aspecten die eraan zitten. Dat lijkt me een goed idee.’
Een van de rechters sprak tijdens het overleg uitdrukkelijk een doel uit:
‘Ja, het pand moet worden verkocht omdat de kosten niet meer op te brengen zijn, maar het ligt allemaal gevoelig. We moeten maar proberen er een schikking uit te krijgen!’
Het overleg werd tevens benut om vragen te inventariseren die op de zitting moesten worden opgehelderd:
Jongste rechter: ‘We moeten in kaart zien te brengen hoe groot de belangen van partijen zijn voordat we beslissen over de vordering.’
Ook werden huishoudelijke mededelingen gedaan:
Voorzitter: ‘De eerste termijn duurt een half uur.’
Jongste rechter: ‘Dat halen we niet, die wordt overschreden.’
Voorzitter: ‘We gaan het proberen. Om half drie moet ik weg.’
Uit de observaties bleek voorts dat de rechters nauwelijks een taakverdeling maakten, bijvoorbeeld over wie welke onderwerpen ter zitting zou behandelen. Het tempo van de bespreking was hoog: de zitting was aanstonds. Na het vooroverleg liepen de rechters gezamenlijk naar de zittingszaal. Daar wisselden ze smalltalk af met gedachten over de inhoud van de zaak, wezen ze op opmerkelijkheden, spraken ze over de omvang van het dossier en de verwachte duur van de zitting. Tijdens het lopen naar de zittingszaal vertelde een rechter dat aanvankelijk een buitengriffier de zitting zou notuleren:
‘Maar toen we merkten hoe ingewikkeld de zaak was, zochten we een griffier die ook inhoudelijk steun kon leveren. Vandaar dat [griffier] meegaat.’