De meerwaarde van meervoud
Einde inhoudsopgave
De meerwaarde van meervoud (SteR nr. 48) 2019/3.5:3.5 Argumenten voor en tegen meervoudige en enkelvoudige rechtspraak
De meerwaarde van meervoud (SteR nr. 48) 2019/3.5
3.5 Argumenten voor en tegen meervoudige en enkelvoudige rechtspraak
Documentgegevens:
mr. drs. R. Baas, datum 24-12-2019
- Datum
24-12-2019
- Auteur
mr. drs. R. Baas
- JCDI
JCDI:ADS174101:1
- Vakgebied(en)
Staatsrecht / Rechtspraak
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Zie Baas, De Groot-van Leeuwen & Laemers 2010, hoofdstuk 7, met daarin veel literatuurverwijzingen. In het verleden hebben ook Heukelom (1859), Drabbe (1959) en Wesseling-van Gent (1984) een groot aantal argumenten verzameld.
Deze paragraaf is gedeeltelijk afkomstig uit Baas, De Groot-van Leeuwen & Laemers 2010, p. 47.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In literatuur vermelde argumenten voor en tegen meervoudige dan wel enkelvoudige rechtspraak zijn eerder vrij uitvoerig geïnventariseerd.1 In veel gevallen sluiten de argumenten voor meervoudige rechtspraak aan op die tegen enkelvoudige rechtspraak en vice versa. Deze komen er in grote lijnen op neer dat meervoudige behandeling van een zaak zowel tot meer uitwisseling van kennis en inzichten als tot discussie leidt. Dat komt de kwaliteit van de uitspraak ten goede. Een belangrijk voordeel van meervoudige behandeling is bovendien dat ze rechters van elkaar laat leren. Vooral voor jonge rechters is het nuttig ervaring in de praktijk op te doen in samenwerking met meer ervaren collega’s. Voorts zijn veel auteurs van mening dat uitspraken die gedaan zijn door de meervoudige kamer eerder worden aanvaard of een groter gezag genieten dan uitspraken van de enkelvoudige kamer. Ook passeert regelmatig het argument dat meervoudige behandeling een betere waarborg is voor onpartijdigheid. Het risico op verstarring zou bovendien met deze vorm van rechtspraak kleiner zijn. Overigens zij erop gewezen dat diverse voordelen van meervoudige rechtspraak in grote mate afhankelijk zijn van de inzet en het functioneren van individuele rechters. Als meerdere leden in de meervoudige kamer niet goed functioneren, is aannemelijk dat dat gevolgen heeft voor de kwaliteit van de besluitvorming.
Ook aan enkelvoudige rechtspraak zitten onmiskenbaar voordelen. Genoemd worden bovenal de efficiëntie en hogere snelheid van afhandeling van zaken, maar ook de grotere dynamiek en de wat minder formele sfeer tijdens de zitting. Het feit dat een alleensprekende rechter alleen verantwoordelijk is voor een zaak kan de zorgvuldigheid van de rechtsgang en uitspraak ten goede komen. Een uitspraak van een unusrechter hoeft daarnaast geen compromis te bevatten tussen verschillende opvattingen en kan daardoor meer eenheid vertonen. Er kunnen echter ook gevaren aan enkelvoudige rechtspraak kleven, bijvoorbeeld wanneer onder druk van schaarste aan middelen en menskracht gekozen wordt voor behandeling door één rechter, terwijl meervoudige afdoening gelet op de aard of het belang van de zaak meer in de rede ligt. Als unusrechtspraak onder deze omstandigheden minder kwaliteit levert, moet bovendien in hoger beroep veel worden hersteld, waardoor de vermeende kosten- en tijdsbesparing teniet worden gedaan.2