Einde inhoudsopgave
Een Nederlandse personenvennootschap met beperkte aansprakelijkheid (IVOR nr. 81) 2011/2.4.7.1.2
2.4.7.1.2 Überseering
mr.drs. I.S. Wuisman, datum 13-01-2011
- Datum
13-01-2011
- Auteur
mr.drs. I.S. Wuisman
- JCDI
JCDI:ADS399084:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Voetnoten
Voetnoten
HvJ EG 5 november 2002, supra noot 93 (berseering).
HvJ EG 5 november 2002, supra noot 93 (berseering), (r.o. 94).
Op grond van deze artikelen mogen de lidstaten de vrijheid van vestiging van buitenlandse onderdanen beperken door wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen vast te stellen voorzover deze uit hoofde van de openbare orde, de openbare veiligheid en de volksgezondheid gerechtvaardigd zijn.
HvJ EG 5 november 2002, supra noot 93 (berseering), r.o. 92.
HvJ EG 27 oktober 1977, Régina v Pierre Bouchereau, Zaak 30-77, (Bouchereau).
In het arrest aerseering1 komen voor het eerst de consequenties voor de primaire vestigingsvrijheid aan de orde, in verband met een verplaatsing van de werkelijke zetel van een vennootschap vanuit een lidstaat waar het incorporatie-stelsel wordt aangehangen (Nederland), naar een lidstaat waar het stelsel van de werkelijke zetel wordt aangehangen (Duitsland). Het Europese Hof oordeelde dat de weigering van toekenning door de ontvangende lidstaat van de rechts- en procesbevoegdheid aan een vennootschap, die rechtsgeldig volgens het recht van een lidstaat is opgericht en die haar werkelijke zetel naar een andere lidstaat heeft verplaatst, ook in strijd is met het beginsel van vrijheid van vestiging.2 Belemmeringen kunnen alleen worden gerechtvaardigd door de gronden van artikel 46 EG (nu artikel 52 VWEU),3 onder andere de openbare orde, of bij gebreke daaraan onder bepaalde omstandigheden en mits bepaalde voorwaarden zijn vervuld, door een dwingende reden van algemeen belang.4Dit kan onder andere zijn de bescherming van de belangen van schuldeisers, van minderheidsaandeelhouders, van de werknemers of van de fiscus. Van verstoringen van de openbare orde is pas sprake als het gaat om een werkelijke en genoegzaam ernstige bedreiging die een fundamenteel belang van de samenleving aantast.5 In casu was daarvan geen sprake.