Einde inhoudsopgave
Instellingen voor collectieve belegging in effecten (O&R nr. 119) 2020/2.7.3
2.7.3 Andere uitgevende instellingen
mr. drs. J.E. de Klerk, datum 01-02-2020
- Datum
01-02-2020
- Auteur
mr. drs. J.E. de Klerk
- JCDI
JCDI:ADS193671:1
- Vakgebied(en)
Financieel recht / Financieel toezicht (juridisch)
Voetnoten
Voetnoten
In de Prospectusverordening is in art. 2 sub a de definitie van effect gelijkgesteld aan de definitie van effect van art. 4 lid 1 punt 44 van MiFID II met uitzondering van geldmarktinstrumenten in de zin van art. 4 lid 1 punt 17 MiFID II die een looptijd van minder dan twaalf maanden hebben. In MiFID II is effect gedefinieerd als ‘alle categorieën op de kapitaalmarkt verhandelbare waardepapieren, betaalinstrumenten uitgezonderd’. In beginsel vallen deelnemingsrechten van icbe’s hier ook onder. Dit hangt af van of het deelnemingsrecht van de icbe op de kapitaalmarkt verhandelbaar is. In de praktijk kennen veel icbe’s een notering aan een gereglementeerde markt en zijn de deelnemingsrechten verhandelbaar op de kapitaalmarkt.
Deze zijn opgenomen in hoofdstuk 3 van de Prospectusverordening, in de bijlagen bij de Prospectusverordening en in de Gedelegeerde Prospectusverordening (C(2019) 2020 final). Zie hierover ook Raas (2019).
Art. 1 lid 2 sub a Prospectusverordening. Zie ook Lieverse en Kempenaar (2019) over de reikwijdte van de Prospectusverordening.
Icbe’s en abi’s geven deelnemingsrechten uit die beleggers kunnen verwerven. In dat opzicht zijn icbe’s uitgevende instellingen van deelnemingsrechten. Deelnemingsrechten kunnen onder de definitie van effect vallen.1 Het Europees toezichtrecht kent verschillende regimes voor instellingen die effecten uitgeven aan het publiek. De ProspectusVerordening is het belangrijkste regime.2 Wanneer effecten worden aangeboden aan het publiek en wanneer effecten tot de handel op een in een lidstaat gelegen of functionerende gereglementeerde markt worden toegelaten, dient een prospectus te worden opgesteld.3 Dit prospectus moet worden goedgekeurd door de bevoegde toezichthouder.4 De toezichthouder dient het prospectus te toetsen op de inhouds- en vormvereisten die in de Prospectusverordening zijn opgenomen.5
De ProspectusVerordening is niet van toepassing op deelnemingsrechten uitgegeven door icbe’s.6 Desalniettemin dienen icbe’s wel een prospectus op te stellen dat voldoet aan de vereisten uit de Icbe-Richtlijn.7 Op onderdelen is een vergelijking tussen de vereisten uit de Prospectusverordening en de vereisten gesteld aan het icbe-prospectus relevant.