Einde inhoudsopgave
De civielrechtelijke inbedding van het besluitenaansprakelijkheidsrecht (O&R nr. 128) 2021/3.4
3.4 Meervoudige causaliteit
mr. P.A. Fruytier, datum 01-06-2021
- Datum
01-06-2021
- Auteur
mr. P.A. Fruytier
- JCDI
JCDI:ADS284568:1
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen / Overheid en privaatrecht
Verbintenissenrecht / Aansprakelijkheid
Voetnoten
Voetnoten
Bij aanvragen om begunstigende besluiten – de eerste door mij onderscheiden categorie – speelt deze problematiek in mijn benadering niet. Zie §5.2.2.3 en 5.2.3.
Het leerstuk van meervoudige causaliteit geldt ook bij contractuele aansprakelijkheid. Daarvan is in het besluitenaansprakelijkheid geen sprake. Ik spits mij daarom meteen toe op de onrechtmatige daad.
Zie hierover bijv. Tjong TJin Tai 2018, p. 242.
Zie voor een fraai overzicht van de verschillende gevalstypen Tjong Tjin Tai 2018, p. 238-244; Hebly 2019, p. 108-118.
66. Soms leiden verschillende gelijktijdige of achtereenvolgende gedragingen of gebeurtenissen tot eenzelfde toestand of juist tot meerdere toestanden die weer dezelfde schade tot gevolg hebben of kunnen hebben. Dat kan tot csqn-vraagstukken leiden. Dit zijn de gevallen van ‘meervoudige causaliteit’.
67. In de hoofdstukken 4 en 5 zal ik bepleiten dat de meervoudige causaliteitsleerstukken ook een rol zouden moeten spelen bij causaliteitsvraagstukken waarmee het besluitenaansprakelijkheidsrecht worstelt. Die worsteling vloeit op dit moment volgens mij in belangrijke mate eruit voort dat in het besluitenaansprakelijkheidsrecht geaccepteerd is geraakt dat binnen de causaliteitstoets structureel aan de oorzakenkant van de causaliteitsvergelijking het hypothetische besluit mag worden bijgedacht dat het bestuursorgaan in plaats van het onrechtmatige besluit zou hebben genomen. Het causaal verband ontbreekt als de gelaedeerde daardoor in dezelfde vermogenspositie zou hebben verkeerd – anders gezegd: dezelfde schade zou zijn ontstaan (zie uitvoerig §4.4-4.5). Die benadering strijdt volgens mij met het algemene civiele recht. We zagen hiervoor dat het civiele recht namelijk niet toestaat dat de politieman het hypothetische schieten in de knie bij wijze van alternatieve hypothetische oorzaak mag aanvoeren als causaliteitsverweer. Er bestaan op dit moment dus eigenlijk twee causaliteitstoetsen naast elkaar: een civiele causaliteitstoets en een besluitencausaliteitstoets.
68. Die vormgeving van de besluitencausaliteitstoets verklaart volgens mij onder meer waarom de causaliteitstoets in het besluitenaansprakelijkheidsrecht zowel in materieelrechtelijk als bewijsrechtelijk opzicht zo complex is geworden (zie §4.4). Ik zal bepleiten dat ter civielrechtelijke inbedding van het besluitenaansprakelijkheidsrecht steeds de algemene civiele causaliteitstoets aangelegd moet worden. Het overheidslichaam kan zich bij het nemen van jegens de geadresseerde bezwarende besluiten of jegens derden (niet geadresseerden) schadelijke besluiten1 wel beroepen op het civielrechtelijke leerstuk van de wettelijke bevoegdheid als rechtvaardigingsgrond ex art. 6:162 lid 2 BW voor het nemen van (een deel van) dat tot schade leidende besluit (zie §5.3.3). Het nemen van het genomen besluit is dan (deels) gerechtvaardigd en daarom rechtmatig. Verder kan op een eerder onrechtmatig besluit in de verlengde besluitvorming nog daadwerkelijk een rechtmatig besluit volgen. In beide casusposities moet in het kader van de causaliteit volgens mij nagegaan worden welke schade is veroorzaakt door het nemen van het onrechtmatige (niet gerechtvaardigde) deel van het besluit en welke schade door het nemen van het rechtmatige (gerechtvaardigde deel van het) besluit. Die laatstbedoelde schade komt voor rekening van de burger (§5.3.4-5.3.5). Dit zijn in essentie allemaal vraagstukken van meervoudige causaliteit. Het is daarom noodzakelijk in dit inventariserende hoofdstuk eerst uiteen te zetten hoe het civiele recht omgaat met meervoudige causaliteit.
69. Allereerst bespreek ik twee voorbeelden ter illustratie van de vooralsnog abstract omschreven situaties van meervoudige causaliteit. De hiervoor ten tonele gevoerde kartdeelnemer zou bijvoorbeeld na zijn kartongeval ook betrokken kunnen raken bij een auto-ongeval met een posttraumatisch stresssyndroom (PTSS) tot gevolg. Dat zou kunnen leiden tot eenzelfde mate van arbeidsongeschiktheid als het tijdens de kartwedstrijd verloren been tot gevolg heeft gehad. In beide gevallen is de schade dus op zichzelf hetzelfde (inkomensverlies door arbeidsongeschiktheid), maar verschilt de toestand die daaraan ten grondslag ligt. Er is als het ware sprake van twee toestanden met ‘schadeoverlap’. Daarvan kan ook sprake zijn in het voorbeeld van de kapotte kart. De kart kan niet alleen beschadigd raken door het ongeval, maar ook doordat hij later beklad wordt. De vermogensschade in de vorm van de vermindering van de waarde van de kart kan in zulke gevallen overlappen, bijvoorbeeld omdat zowel de beschadiging als de bekladding de waarde ervan gelijkelijk tot een bepaald bedrag reduceren.
70. Als verschillende (onrechtmatige)2 gebeurtenissen of gedragingen gelijktijdig of na elkaar plaatsvinden en leiden tot zulke verschillende ‘schadeoverlappende’ toestanden, wordt de csqn-toets bemoeilijkt door de (uiteindelijke) focus van het civiele recht op de schade in plaats van op de ontstane (fysieke) toestand. Bij het wegdenken van de eerste gedraging (bijvoorbeeld de beschadiging van de kart) was de schade vanaf het moment van de tweede gedraging (de bekladding van de kart) ook door die tweede gedraging ontstaan. Zowel tussen de eerste als de tweede gedraging en de schade ontbreekt dan ogenschijnlijk het csqn-verband, omdat met het wegdenken van die gedraging de andere gedraging overblijft.
71. Gevallen van meervoudige causaliteit worden nog verder bemoeilijkt, omdat de schade soms in één keer onomkeerbaar en volledig intreedt (zogenaamde ‘momentschade’, zoals zaakschade), terwijl in andere gevallen de schade als gevolg van een gebeurtenis geleidelijk gedurende een langere periode ontstaat (zogenaamde ‘voortdurende schade’, zoals verlies verdienvermogen). Bij voortdurende schade kunnen zich in de loop van de periode waarin de schade ontstaat ook andere gebeurtenissen voordoen die tot diezelfde schade leiden.3
72. In de volgende paragrafen ga ik dieper in op de verschillende gevallen waarin sprake is van meerdere gedragingen/gebeurtenissen. Daarbij komt, waar nodig, ook het onderscheid tussen momentschade en voortdurende schade aan de orde.4
3.4.1 Meerdere noodzakelijke voorwaarden3.4.2 Meerdere gelijktijdige gedragingen3.4.3 Hypothetische veroorzaking3.4.4 Meerdere op elkaar volgende gebeurtenissen3.4.5 ‘Überholende’ causaliteit