Einde inhoudsopgave
RvdW 2026/520
Art. 81 lid 1 RO. Verzekeringsrecht. Persoonlijk onderzoek door verzekeraar. Art. 7:941 BW.
HR 10-04-2026, ECLI:NL:HR:2026:593
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
10 april 2026
- Magistraten
Mrs. M.J. Kroeze, C.E. du Perron, A.E.B. ter Heide, F.R. Salomons, K. Teuben
- Zaaknummer
25/01799
- Conclusie
A-G mr. T. Hartlief
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Verzekeringsrecht / Bijzondere onderwerpen
Verzekeringsrecht / Schadeverzekering
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2026:593, Uitspraak, Hoge Raad, 10‑04‑2026
ECLI:NL:PHR:2026:172, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 13‑02‑2026
Essentie
Art. 81 lid 1 RO. Verzekeringsrecht. Persoonlijk onderzoek door verzekeraar. Art. 7:941 BW.
Partij(en)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer 25/01799
Datum 10 april 2026
ARREST
In de zaak van
[eiser],
wonende te [woonplaats],
EISER tot cassatie,
hierna: [eiser],
advocaten: M. van Tiel en M.J. van Basten Batenburg,
tegen
KLAVERBLAD SCHADEVERZEKERINGSMAATSCHAPPIJ N.V.,
gevestigd te Zoetermeer,
VERWEERSTER in cassatie,
hierna: Klaverblad,
advocaat: J. Streefkerk.
Conclusie
Conclusie A-G mr. T. Hartlief:
1. Feiten
1.1
In cassatie kan van de volgende feiten worden uitgegaan.1.
1.2
[eiser] was tegelzetter van beroep. In dat kader heeft hij ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.