Einde inhoudsopgave
RvdW 2025/149
Caribische zaak. Medeplegen moord (art. 2:262 jo. art. 1:123 SrStM) en voorhanden hebben van pistool en munitie (art. 3 Vuurwapenverordening) in Sint Maarten. Onvindbare getuige. Gebruik van getuigenverklaring voor bewijs. Kon hof oordelen dat redelijkerwijs is geprobeerd wat mogelijk is om verdediging de gelegenheid te bieden tot uitoefening van ondervragingsrecht? HR: art. 81 lid 1 RO.
HR 17-12-2024, ECLI:NL:HR:2024:1870
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
17 december 2024
- Magistraten
Mrs. M.J. Borgers, M. Kuijer, F. Posthumus
- Zaaknummer
24/00585 C
- Conclusie
​A-G mr. E.J. Hofstee
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Strafprocesrecht / Terechtzitting en beslissingsmodel
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2024:1870, Uitspraak, Hoge Raad, 17‑12‑2024
ECLI:NL:PHR:2024:1237, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 19‑11‑2024
Essentie
Caribische zaak. Medeplegen moord (art. 2:262 jo. art. 1:123 SrStM) en voorhanden hebben van pistool en munitie (art. 3 Vuurwapenverordening) in Sint Maarten. Onvindbare getuige. Gebruik van getuigenverklaring voor bewijs. Kon hof oordelen dat redelijkerwijs is geprobeerd wat mogelijk is om verdediging de gelegenheid te bieden tot uitoefening van ondervragingsrecht? HR: art. 81 lid 1 RO.
Partij(en)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer 24/00585 C
Datum 17 december 2024
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een vonnis van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.