Einde inhoudsopgave
RvdW 2025/137
Medeplegen diefstal met geweld (art. 312 lid 2 onder 2 Sr). Vrijspraak eerste aanleg. Bewijsklachten. 1. Is oordeel hof dat verklaringen van aangever en getuige betrouwbaar zijn toereikend gemotiveerd? 2. Bewijsklacht medeplegen diefstal van hond. Ad 1. en 2. HR: Om redenen vermeld in CAG leiden middelen niet tot cassatie. CAG: Ad 1. In bewijsoverweging onderkent hof dat aangever en getuige middelen hadden gebruikt ‘en op (ondergeschikte) onderdelen wisselend hebben verklaard’, maar motiveert hof waarom het niettemin verklaringen van aangever en getuige betrouwbaar vindt en waarom deze voor bewijs gebruikt kunnen worden. Bovendien geeft hof extra kracht aan motivering door te wijzen op aanwezig (steun)bewijs. ’s Hofs oordeel is niet onbegrijpelijk en toereikend gemotiveerd. Ad 2. Uit bewijsmiddelen volgt dat hond van aangever vanuit woning van vriendin van aangever werd meegenomen en trap af werd getrokken en dat verdachte heeft gezegd dat ze hond mee zouden nemen. Hond kon later worden opgehaald op adres in hetzelfde verzamelpand als dat van één van medeverdachten. Oordeel hof dat sprake is van medeplegen van diefstal hond is niet onbegrijpelijk en toereikend gemotiveerd. Volgt verwerping. Samenhang met RvdW 2025/136.
HR 17-12-2024, ECLI:NL:HR:2024:1834
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
17 december 2024
- Magistraten
Mrs. V. van den Brink, Y. Buruma, T.B. Trotman
- Zaaknummer
22/02819
- Conclusie
A-G mr. E.J. Hofstee
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Materieel strafrecht / Delicten Wetboek van Strafrecht
Materieel strafrecht / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2024:1834, Uitspraak, Hoge Raad, 17‑12‑2024
ECLI:NL:PHR:2024:1060, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 15‑10‑2024
Essentie
Medeplegen diefstal met geweld (art. 312 lid 2 onder 2 Sr). Vrijspraak eerste aanleg. Bewijsklachten. 1. Is oordeel hof dat verklaringen van aangever en getuige betrouwbaar zijn toereikend gemotiveerd? 2. Bewijsklacht medeplegen diefstal van hond. Ad 1. en 2. HR: Om redenen vermeld in CAG leiden middelen niet tot cassatie. CAG: Ad 1. In bewijsoverweging onderkent hof dat aangever en getuige middelen hadden gebruikt ‘en op (ondergeschikte) onderdelen wisselend hebben verklaard’, maar motiveert hof waarom het niettemin verklaringen van aangever en getuige betrouwbaar vindt en waarom deze voor bewijs gebruikt kunnen worden. Bovendien geeft hof extra kracht ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.