Einde inhoudsopgave
RvdW 2025/1004
Bevel tot dadelijke uitvoerbaarverklaring van vrijheidsbeperkende maatregel ontoereikend gemotiveerd.
HR 09-09-2025, ECLI:NL:HR:2025:1219
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
9 september 2025
- Magistraten
Mrs. M.J. Borgers, C. Caminada, T.B. Trotman
- Zaaknummer
23/00301
- Conclusie
A-G mr. P.M. Frielink
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Materieel strafrecht / Sancties
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2025:1219, Uitspraak, Hoge Raad, 09‑09‑2025
ECLI:NL:PHR:2025:611, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 27‑05‑2025
Beroepschrift, Hoge Raad, 19‑02‑2024
- Wetingang
Art. 8 EVRM; art. 38v Sr; art. 6:6​​:23a1 Sv
Essentie
Bevel tot dadelijke uitvoerbaarverklaring van vrijheidsbeperkende maatregel ontoereikend gemotiveerd.
Samenvatting
- 1.
Het verweer dat het hof ten onrechte, althans op ontoelaatbare wijze, inbreuk heeft gemaakt op art. 8 EVRM door een vrijheidsbeperkende maatregel op te leggen die het verdachte feitelijk onmogelijk maakt om contact te houden met zijn jonge dochter, kan niet voor het eerst in cassatie worden gevoerd, omdat de beoordeling daarvan een onderzoek van feitelijke aard zou vergen, waarvoor in cassatie geen plaats is.
- 2.
Indien de rechter het bevel geeft dat een door hem opgelegde vrijheidsbeperkende maatregel dadelijk uitvoerbaar is, moet hij, mede ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.