De positie van aandeelhouders bij preventieve herstructureringen
Einde inhoudsopgave
De positie van aandeelhouders bij preventieve herstructureringen (VDHI nr. 163) 2020/5.4.9:5.4.9 Aandeelhoudersrechten
De positie van aandeelhouders bij preventieve herstructureringen (VDHI nr. 163) 2020/5.4.9
5.4.9 Aandeelhoudersrechten
Documentgegevens:
mr. S.C.E.F. Moulen Janssen, datum 02-02-2020
- Datum
02-02-2020
- Auteur
mr. S.C.E.F. Moulen Janssen
- JCDI
JCDI:ADS197764:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Toon alle voetnoten
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Hiervoor kwam de akkoordprocedure aan bod met de focus op de positie van aandeelhouders tijdens de procedure. Deze paragraaf gaat dieper in op de aandeelhoudersrechten bij een Insolvenzplan en de grenzen aan de uitoefening ervan. Aandeelhouders zijn betrokken bij de procedure en mogen stemmen over het akkoord wanneer hun rechten betrokken zijn in een Insolvenzplan (“wenn deren Anteils- oder Mitgliedschaftsrechte in den Plan einbezogen werden”).1 Bij een ‘normale’ insolventieprocedure blijven aandeelhoudersrechten onaangetast.2 Het Insolvenzplan moet duidelijk aangeven op welke manier wijzigingen worden aangebracht in de rechtspositie van aandeelhouders.3 De rechter toetst echter niet of de wijzigingen noodzakelijk zijn voor de herstructurering.4
Aandeelhoudersrechten zijn betrokken in een Insolvenzplan wanneer een vennootschapsrechtelijke regeling is opgenomen in het akkoord (zie par. 5.4.9.1).5 Iedere regeling die vennootschapsrechtelijk is toegestaan, is volgens de Insolvenzordnung toelaatbaar onder een akkoord. De akkoordprocedure maakt geen onderscheid tussen voor de herstructurering benodigde besluiten van de algemene vergadering of de instemming van individuele aandeelhouders (zoals een besluit tot kapitaalverhoging) en de directe of indirecte wijziging van aandeelhoudersrechten (zoals het wijzigen van het winstrecht verbonden aan een aandeel of een aandelenverwatering). Het is dus mogelijk dat aandeelhouders ook betrokken zijn bij een procedure wanneer het akkoord hun rechten niet direct of indirect wijzigt. Een akkoord kan bijvoorbeeld het statutaire doel van de vennootschap wijzigen of de instelling van een raad van commissarissen omvatten. Dit betreft geen directe wijziging van aandeelhoudersrechten. Aandeelhouders zijn betrokken bij de procedure omdat voor de wijziging van het statutaire doel onder het vennootschapsrecht een besluit van de algemene vergadering is vereist.6 Een ander voorbeeld betreft een voortzettingsbesluit. Het uitgangspunt is dat de vennootschap wordt ontbonden wanneer een insolventieprocedure wordt geopend.7 Een voortzettingsbesluit van de algemene vergadering is dus nodig voor het realiseren van een herstructurering door middel van een akkoordprocedure.
Aandeelhouders kunnen in Duitsland eerder betrokken zijn bij een akkoordprocedure dan onder de WHOA, de Richtlijn of de Engelse scheme en cva. De WHOA en de Richtlijn maken expliciet een onderscheid tussen een directe of indirecte wijziging van rechten van aandeelhouders en besluiten van de algemene vergadering. Aandeelhouders zijn enkel betrokken bij de akkoordprocedure wanneer het akkoord hun rechten direct of indirect wijzigt. Bepaalde besluiten van de algemene vergadering zijn voorts niet vereist.8 Het onderscheid is mijns inziens te verklaren doordat bij een zelfstandig pre-insolventieakkoord de nadruk ligt op de herstructurering van schulden. Het is in mijn ogen juist dat een pre-insolventieakkoord alleen de aan een aandeel verbonden rechten kan wijzigen. Er bestaat mijns inziens geen reden of rechtvaardiging dat een pre-insolventieakkoord ook de inrichting van een vennootschap, zoals het doel of de corporate governance, kan wijzigen.
In deze paragraaf zet ik allereerst uiteen wat moet worden verstaan onder een vennootschapsrechtelijk toelaatbare regeling (par. 5.4.9.1) en bespreek ik voorbeelden van dergelijke regelingen die de Insolvenzordnung specifiek noemt (par. 5.4.9.2). Vervolgens komt de verhouding tussen het vennootschapsrecht en het insolventierecht wat betreft de formele vereisten voor de totstandkoming van vennootschapsrechtelijke besluiten en de instemming van individuele aandeelhouders aan bod (par. 5.4.9.3). Daarna bespreek ik de positie van de algemene vergadering gedurende de akkoordprocedure (par. 5.4.9.4) en tot slot het opleggen van extra verplichtingen aan aandeelhouders (par. 5.4.9.5).
5.4.9.1 Vennootschapsrechtelijke toelaatbare regeling5.4.9.2 Voorbeelden van vennootschapsrechtelijke toelaatbaarheid5.4.9.3 Formele vereisten: vennootschapsrecht versus insolventierecht5.4.9.4 De algemene vergadering gedurende de akkoordprocedure5.4.9.5 Het opleggen van verplichtingen