Einde inhoudsopgave
RvdW 2026/25
Medeplegen gewoontewitwassen van geldbedragen, art. 420ter jo. art. 420bis lid 1 onder a en art. 420bis lid 1 onder b Sr. 1. Bewijsklacht medeplegen t.a.v. medeverdachte. 2. Bewijsklacht. Kon hof oordelen dat uit ‘belastingontduiking’ verkregen gelden niet individualiseerbaar zijn? HR: art. 81 lid 1 RO. Samenhang met RvdW 2026/26.
HR 25-11-2025, ECLI:NL:HR:2025:1777
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
25 november 2025
- Magistraten
Mrs. V. van den Brink, T. Kooijmans, F. Damsteegt
- Zaaknummer
23/02569
- Conclusie
A-G mr. P.H.P.H.M.C. van Kempen
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Materieel strafrecht / Delicten Wetboek van Strafrecht
Materieel strafrecht / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2025:1777, Uitspraak, Hoge Raad, 25‑11‑2025
ECLI:NL:PHR:2025:987, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 04‑11‑2025
Essentie
Medeplegen gewoontewitwassen van geldbedragen, art. 420ter jo. art. 420bis lid 1 onder a en art. 420bis lid 1 onder b Sr. 1. Bewijsklacht medeplegen t.a.v. medeverdachte. 2. Bewijsklacht. Kon hof oordelen dat uit ‘belastingontduiking’ verkregen gelden niet individualiseerbaar zijn? HR: art. 81 lid 1 RO. Samenhang met RvdW 2026/26.
Partij(en)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer 23/02569
Datum 25 november 2025
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Amsterdam van 3 juli 2023, nummer 23-001716-21, in de strafzaak ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.