Een Nederlandse personenvennootschap met beperkte aansprakelijkheid: wenselijk?
Einde inhoudsopgave
Een Nederlandse personenvennootschap met beperkte aansprakelijkheid (IVOR nr. 81) 2011/7.5.2.1:7.5.2.1 Vereenzelviging: aandeelhouder en ondernemer
Een Nederlandse personenvennootschap met beperkte aansprakelijkheid (IVOR nr. 81) 2011/7.5.2.1
7.5.2.1 Vereenzelviging: aandeelhouder en ondernemer
Documentgegevens:
mr.drs. I.S. Wuisman, datum 13-01-2011
- Datum
13-01-2011
- Auteur
mr.drs. I.S. Wuisman
- JCDI
JCDI:ADS393115:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Zie: Kamerstukken II, 1962-1963, 6 000, nr. 9, blz. 10. Zie ook: Kamerstukken II, 1958-1959, 5 380, nr. 8, blz. 16.
Schilfgaarde, P. van (1974), supra noot 10, blz. 20.
Schilfgaarde, P. van (2009), supra noot 74, nr. 2, blz. 23.
Kamerstukken II, 1959-1960, 5 380, nr. 9, blz. 16.
HR 8 april 1938, NJ 1938, 1076 en HR 16 juni 1944, NJ 1944/45, 443.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De aandeelhouder van de NV (en na invoering die van de BV) stond in een zodanige relatie tot de vennootschap dat hij gezien kon worden als een daarvan `losstaande deelnemer'. De aandeelhouder was zelfstandig en puur belegger, aldus de wetgever. De gebezigde rechtsvorm en de daarbij behorende wettelijke regeling bepaalden deze verhouding, niet de uiteindelijke uitwerking in de praktijk. In de wetsgeschiedenis is hierover terug te lezen dat er geen fiscale consequenties werden verbonden aan het feit dat in de besloten NV's de aandeelhouders niet alleen maar belegger waren, maar ook deelnamen aan de bedrijfsuitoefening. De rechtsvorm van de NV stond in de weg aan een andere fiscale behandeling.1 Het rechtspersonenrecht is derhalve als inhoudelijk organisatierecht bepalend.2
Bij de NV en de BV komt dit naar voren door de scheiding die is aangebracht tussen de organen als het bestuur, de raad van commissarissen (indien aanwezig) en de algemene vergadering van aandeelhouders. In de institutionele opvatting aangaande de vennootschap worden de NV en BV gezien als een van de aandeelhouders vrijstaand (zelfstandig) instituut, beheerst door eigen regels, die onder meer inhouden een ook door de vergadering van aandeelhouders te respecteren bevoegdheidsverdeling.3 Autonome bevoegdheden worden in de eerste plaats toegekend aan het bestuur. Het bestuur is verantwoordelijk voor het besturen van de vennootschap. Dit houdt onder andere in dat het bestuur de leiding heeft over de dagelijkse gang van zaken en daarnaast de strategie en het beleid bepaalt. De algemene vergadering van aandeelhouders mag zich niet op dat terrein begeven en behoudt zodoende een afstand. Volgens de fiscale wetgever is de zelfstandigheid van de rechtspersoon en de aandeelhouders zelfs groter dan de wettelijke regeling in het vennootschapsrecht doet vermoeden.4 De zelfstandigheid van de aandeelhouders (en ook die van de vennootschap) komt ook tot uiting in de werking van de statuten. De Hoge Raad heeft beslist dat een besluit van de algemene vergadering van aandeelhouders genomen met een unanimiteit van stemmen de bindende kracht van de statuten niet vermag te doorbreken.5 In de noot bij dit arrest staat hierover: Hierin komt duidelijk uit, dat de algemene vergadering orgaan is, dat de N.V. niet met de gezamenlijke aandeelhouders kan worden geïdentificeerd'.