Einde inhoudsopgave
RvdW 2026/327
Verordening Brussel I-bis. Forumkeuze overeenkomst; begrip ‘materiële nietigheid’ in de zin van art. 25 lid 1.
HvJ EU 30-10-2025, ECLI:EU:C:2025:843 (Pome)
- Instantie
Hof van Justitie van de Europese Unie
- Datum
30 oktober 2025
- Magistraten
F. Biltgen, A. Kumin, S. Gervasoni
- Zaaknummer
C-398/24
- Conclusie
A-G M. Campos Sánchez-Bordona
- Roepnaam
Pome
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Internationaal privaatrecht / Internationaal bevoegdheidsrecht
Verbintenissenrecht / Overeenkomst
- Brondocumenten
ECLI:EU:C:2025:843, Uitspraak, Hof van Justitie van de Europese Unie, 30‑10‑2025
- Wetingang
Art. 25 Verordening (EU) nr. 1215/2012 (Verordening Brussel I-bis)
Essentie
A tegen B.
Verzoek om een prejudiciële beslissing krachtens art. 267 VWEU, ingediend door de Riigikohus (hoogste rechterlijke instantie, Estland) bij beslissing van 5 juni 2024.
Verordening Brussel I-bis. Forumkeuze overeenkomst; begrip ‘materiële nietigheid’ in de zin van art. 25 lid 1.
Art. 25 lid 1 Verordening Brussel I-bis moet aldus worden uitgelegd dat een voorwaarde die wordt gesteld in het nationale recht dat van toepassing is in de lidstaat van het gerecht waarvan de bevoegdheid tussen contactpartijen is overeengekomen, volgens welke een tussen natuurlijke personen gesloten overeenkomst tot aanwijzing van een ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.