Einde inhoudsopgave
RvdW 2026/297
Aan effectuering van onttrekking aan verkeer van inbeslaggenomen voorwerp kan rechter geen voorwaarde verbinden. Geschriften verdachte in cassatie ingediend.
HR 03-02-2026, ECLI:NL:HR:2026:113
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
3 februari 2026
- Magistraten
Mrs. V. van den Brink, T. Kooijmans, C.N. Dalebout
- Zaaknummer
24/02735
- Conclusie
A-G mr. P.H.P.H.M.C. van Kempen
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Strafprocesrecht / Rechtsmiddelen
Materieel strafrecht / Sancties
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2026:113, Uitspraak, Hoge Raad, 03‑02‑2026
ECLI:NL:PHR:2025:1283, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 25‑11‑2025
Beroepschrift, Hoge Raad, 06‑02‑2025
- Wetingang
Essentie
De rechter kan de effectuering van onttrekking aan het verkeer van een inbeslaggenomen voorwerp niet afhankelijke stellen van een voorwaarde. Op geschriften opgesteld door of afkomstig van de verdachte, ingediend in cassatie, kan de Hoge Raad geen acht slaan.
Samenvatting
- 1.
Het hof heeft de verdachte veroordeeld voor onder meer, kort gezegd, het maken van een gewoonte van het vervaardigen, het bezit en het verspreiden van ‘kinderporno’ en voor ontucht met zijn destijds minderjarige nichtje. Het hof heeft de onttrekking aan het verkeer opgelegd van gegevensdragers die onder de verdachte zijn inbeslaggenomen en daarbij bepaald dat deze onttrekkingen ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.