Het Unierechtelijke verdedigingsbeginsel
Einde inhoudsopgave
Het Unierechtelijke verdedigingsbeginsel (FM nr. 170) 2021/6.6.3:6.6.3 Relevante omstandigheden afgeleid uit de codificatie van beperkingen in het DWU
Het Unierechtelijke verdedigingsbeginsel (FM nr. 170) 2021/6.6.3
6.6.3 Relevante omstandigheden afgeleid uit de codificatie van beperkingen in het DWU
Documentgegevens:
Anneke Els Keulemans, datum 01-08-2021
- Datum
01-08-2021
- Auteur
Anneke Els Keulemans
- JCDI
JCDI:ADS362918:1
- Vakgebied(en)
Fiscaal procesrecht / Beroepsfase
Fiscaal procesrecht / Procesorde
Fiscaal bestuursrecht / Algemene rechtsbeginselen en abbb
Fiscaal bestuursrecht / Bezwaarfase
Europees belastingrecht / Algemeen
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Voordat de omstandighedencatalogus wordt opgesteld, onderzoek ik in deze paragraaf de codificatie van beperkingen van het kenbaarmakingsbeginsel in het DWU. De codificatie van beperkingen in het DWU kan meer informatie geven over de omstandigheden die bij het beperken van het kenbaarmakingsbeginsel een rol kunnen spelen. Ik zal de beperkingsgronden, zoals opgenomen in het DWU één voor één bespreken.
Het kenbaarmakingsbeginsel kan blijkens artikel 22, zesde lid, alinea twee, van het DWU, worden beperkt:
als het een beschikking betreft als bedoeld in artikel 33, eerste lid (BTI- en BOI-beschikkingen);
als de toekenning van een tariefcontingent wordt geweigerd wanneer het vastgestelde volume van het tariefcontingent is bereikt, als bedoeld in artikel 56, vierde lid, eerste alinea;
als de aard of de omvang van een gevaar voor de veiligheid van de Europese Unie en haar ingezetenen, de gezondheid van mens, dier of plant, het milieu of de consument daartoe aanleiding geeft;
als de beschikking strekt tot uitvoering van een andere beschikking waarvoor de eerste alinea is toegepast, onverminderd het recht van de betrokken lidstaat;
als dit een onderzoek met het oog op de bestrijding van fraude zou belemmeren;
andere specifieke gevallen.
Blijkens verordeningen 952/2013 en 2015/2446 kunnen beperkingen aan de orde zijn in verband met 1) een doeltreffend optreden van de douaneautoriteiten en 2) in verband met gevaar voor de veiligheid van de Europese Unie en haar ingezetenen, de gezondheid van de mens, dier of plant, het milieu of de consument. Hiermee zijn de met het kenbaarmakingsbeginsel concurrerende beginselen in beeld. De leden a, b, d en e van artikel 22, zesde lid van het DWU zijn duidelijk ingegeven door de behoefte aan doeltreffend optreden van de douaneautoriteiten en lid c ziet evident op de veiligheid.
6.6.3.a Artikel 22, zesde lid, tweede alinea, aanhef en onder a, van het DWU6.6.3.b Artikel 22, zesde lid, tweede alinea, aanhef en onder b, van het DWU6.6.3.c Artikel 22, zesde lid, tweede alinea, aanhef en onder c, van het DWU6.6.3.d Artikel 22, zesde lid, tweede alinea, aanhef en onder d, van het DWU6.6.3.e Artikel 22, zesde lid, tweede alinea, aanhef en onder e, van het DWU6.6.3.f Artikel 22, zesde lid, tweede alinea, aanhef en onder f, van het DWU