Einde inhoudsopgave
RvdW 2026/5
Procesrecht. Beslag- en executierecht. In proces-verbaal van zitting vastgelegde schikking waarin geheimhoudingsbeding met boetebeding; executoriale kracht p.-v. voor vordering tot betaling boete?; bepaaldheid vordering. Beoordeling overtreding geheimhoudingsbeding in verzoekschriftprocedure van art. 474g Rv?
HR 28-11-2025, ECLI:NL:HR:2025:1807
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
28 november 2025
- Magistraten
Mrs. M.V. Polak, C.E. du Perron, H.M. Wattendorff, S.J. Schaafsma, G.C. Makkink
- Zaaknummer
24/04034
- Conclusie
A-G mr. G. Snijders
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Burgerlijk procesrecht / Algemeen
Burgerlijk procesrecht / Beslag en executie
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2025:1807, Uitspraak, Hoge Raad, 28‑11‑2025
ECLI:NL:PHR:2025:580, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 23‑05‑2025
Beroepschrift, Hoge Raad, 12‑09‑2024
- Wetingang
Essentie
Procesrecht. Beslag- en executierecht. In proces-verbaal van zitting vastgelegde schikking waarin geheimhoudingsbeding met boetebeding; executoriale kracht p.-v. voor vordering tot betaling boete?; bepaaldheid vordering. Beoordeling overtreding geheimhoudingsbeding in verzoekschriftprocedure van art. 474g Rv?
Samenvatting
Een executoriale titel die niet in een rechterlijke uitspraak maar in een ander stuk is belichaamd, geeft de schuldeiser de bevoegdheid om zonder voorafgaande rechterlijke tussenkomst de in die titel vermelde aanspraak met dwangmiddelen ten uitvoer te leggen op het vermogen van zijn schuldenaar. Bij die dwangmiddelen gaat het in de eerste plaats om de bevoegdheden die de deurwaarder bij de tenuitvoerlegging ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.