Re-integratie van de zieke werknemer; Nederland, Duitsland en flexicurity
Einde inhoudsopgave
Re-integratie zieke werknemer (MSR nr. 66) 2014/8.6.0:8.6.0
Re-integratie zieke werknemer (MSR nr. 66) 2014/8.6.0
8.6.0
Documentgegevens:
mr.dr. G.A. Diebels, datum 24-09-2014
- Datum
24-09-2014
- Auteur
mr.dr. G.A. Diebels
- JCDI
JCDI:ADS575668:1
- Vakgebied(en)
Arbeidsrecht / Europees arbeidsrecht
Rechtswetenschap / Algemeen
Sociale zekerheid arbeidsongeschiktheid / Re-integratie
Arbeidsrecht / Arbeidsovereenkomstenrecht
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Net als in Nederland zijn ook in Duitsland uitspraken van belang geweest voor de ontwikkeling van re-integratie van de zieke werknemer. Het gaat daarbij om twee uitspraken van het BAG, allebei gewezen ná het van kracht worden van SGB IX per 1 juli 2001.
De eerste heeft betrekking op de mogelijkheid re-integratie-inspanningen af te dwingen. De gérant van een restaurant met een Michelin-ster viel in juli 2002 uit onder andere met klachten aan de wervelkolom. Na behandeling begon hij in januari 2003 op te bouwen door om de dag te werken, maar dat moest worden afgebroken. In december 2003 stelde de behandelend arts een nieuw ‘Wiedereingliederungsplan’ voor, waarin de werknemer langzaam zijn uren zou opbouwen. Wel werd hij voor 80% arbeidsongeschikt geacht, waardoor hij van rechtswege de status Schwerbehinderte kreeg. De werkgever wilde niet meewerken aan de re-integratie omdat hij daartoe niet verplicht zou zijn. Volgens het BAG was dat echter onjuist: de eerder bestaande vrijwilligheid rond re-integratie was achterhaald met name door invoering van het SGB IX in 2001. De schwerbehinderte werknemer kon daarom eisen van zijn werkgever om mee te werken aan re-integratie.1
In de tweede uitspraak stond centraal of het recht om re-integratie-inspanningen te eisen alleen voor Schwerbehinderten bestaat of breder geldt. Een machinebediende in een metaalfabriek viel in maart 2002 uit en na verschillende perikelen werd hij in oktober 2004 vanwege langdurige ziekte ontslagen. Daartegen kwam de werknemer in het geweer en het BAG stelde hem in het gelijk. Hij stelde vast dat re-integratiemanagement moest worden gevoerd voor alle werknemers, niet alleen Schwerbehinderten. Omdat een ontslag ultima ratio is, moesten namelijk minder vérgaande alternatieven worden onderzocht. Het re-integratiemanagement was zelf geen alternatief, maar is bij ziekte een middel om zulke alternatieven te herkennen en te ontwikkelen. Voert een werkgever geen re-integratiemanagement dan kan dat reden zijn om een ziekteontslag ongeldig te achten, als hij er niet in slaagt aan te tonen dat terugkeer naar de eigen plek onmogelijk is en een aanpassing van de arbeidsplaats of herplaatsing in ander werk uitgesloten moet worden.2 Hoewel vóór deze uitspraken ook al re-integratieverplichtingen werden aangenomen voor werkgevers, is het belangrijk dat een duidelijke link werd gelegd met de specifieke bepalingen van het SGB IX, met name rond re-integratiemanagement.