Einde inhoudsopgave
RvdW 2024/460
Feitelijke aanranding van eerbaarheid van zwakbegaafd 19-jarig meisje dat bij haar woning op haar moeder staat te wachten door 57-jarige verdachte, art. 246 Sr. Bewijsklachten opzet. Innerlijke tegenstrijdigheid bewijsvoering en verweer t.a.v. voorwaardelijk opzet op dwingen tot dulden van ontuchtige handelingen a.b.i. art. 246 Sr. HR: art. 81 lid 1 RO.
HR 09-04-2024, ECLI:NL:HR:2024:502
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
9 april 2024
- Magistraten
Mrs. M.J. Borgers, M. Kuijer, C.N. Dalebout
- Zaaknummer
22/01318
- Conclusie
A-G mr. E.J. Hofstee
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Materieel strafrecht / Delicten Wetboek van Strafrecht
Materieel strafrecht / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2024:502, Uitspraak, Hoge Raad, 09‑04‑2024
ECLI:NL:PHR:2024:209, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 27‑02‑2024
Essentie
Feitelijke aanranding van eerbaarheid van zwakbegaafd 19-jarig meisje dat bij haar woning op haar moeder staat te wachten door 57-jarige verdachte, art. 246 Sr. Bewijsklachten opzet. Innerlijke tegenstrijdigheid bewijsvoering en verweer t.a.v. voorwaardelijk opzet op dwingen tot dulden van ontuchtige handelingen a.b.i. art. 246 Sr. HR: art. 81 lid 1 RO.
Partij(en)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer 22/01318
Datum 9 april 2024
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 28 maart 2022, nummer 20-000553-21, in de strafzaak
tegen
[verdachte], ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.