Einde inhoudsopgave
RvdW 2024/440
Caribische zaak. Beslagrecht. Executoriaal derdenbeslag op roerende zaken (art. 475-479a Rv BES); concordantiebeginsel. Strekking betwistingsprocedure (art. 477a lid 2 Rv BES); treft beslag ook roerende zaken van geëxecuteerde die onder derde berusten anders dan uit hoofde van rechtsverhouding tussen derde en geëxecuteerde?
HR 12-04-2024, ECLI:NL:HR:2024:583
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
12 april 2024
- Magistraten
Mrs. M.V. Polak, T.H. Tanja-van den Broek, H.M. Wattendorff, F.R. Salomons, K. Teuben
- Zaaknummer
23/00472
- Conclusie
A-G mr. G. Snijders
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Burgerlijk procesrecht / Beslag en executie
Staatsrecht / Staatsinrichting
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2024:583, Uitspraak, Hoge Raad, 12‑04‑2024
ECLI:NL:PHR:2024:171, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 16‑02‑2024
Beroepschrift, Hoge Raad, 30‑12‑2022
- Wetingang
Art. 475-479a Rv BES; art. 475-479a Rv
Essentie
Caribische zaak. Beslagrecht. Executoriaal derdenbeslag op roerende zaken (art. 475-479a Rv BES); concordantiebeginsel. Strekking betwistingsprocedure (art. 477a lid 2 Rv BES); treft beslag ook roerende zaken van geëxecuteerde die onder derde berusten anders dan uit hoofde van rechtsverhouding tussen derde en geëxecuteerde?
Samenvatting
Het voor deze zaak relevante recht inzake executoriaal beslag onder derden is neergelegd in art. 475-479a Rv BES. Voor zover voor deze zaak van belang wijken deze bepalingen niet af van art. 475-479a Rv. Het concordantiebeginsel, dat is vervat in art. 39 Statuut van het Koninkrijk, brengt ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.